Op de boekenlijst, terecht of niet?

Nog steeds lezen middelbare scholieren boeken voor hun eindexamen. Vaak gekozen uit door hun leraren opgestelde groslijsten. Welke titels staan daar eigenlijk op? Zijn het allemaal meesterwerken, of valt dat nog maar te bezien?

Leden lezen gewoon door

(Met de betaalknop hieronder word je geen lid, maar koop je steeds losse stukken met een tegoed van onze partner Katalysis. Een echt lidmaatschap van Cultuurpers biedt meer, zoals onbeperkte toegang tot ALLE verhalen (en een nieuwsbrief).)

Dochter E. zit in de vierde van het gymnasium en begint te lezen voor haar lijst. Dat roept herinneringen op. Aan eens maar nooit meer ervaringen als De kleine Johannes en Ranonkel maar ook aan, dank u wel lieve heer dat ik daar op het juiste moment mee mocht kennismaken, Terug tot Ina Damman en De Avonden

Voor het gemak van leerling en leraar is er een groslijst van zestig titels. Gelieve de keuze daartoe te beperken. Mijn helden van vroeger staan er niet meer op. Alles van voor 1980 is weg, alles van na 2005 nog niet verwerkt. De Nederlandse literatuurgeschiedenis beslaat geen duizend jaar meer (Hebban olla vogala) maar nog slechts twee decennia. 

Af en toe vraagt E. om advies. Of Casino van Marja Brouwers echt interessant genoeg is om 552 pagina’s dik te zijn. Of De Asielzoeker van Arnon Grunberg inderdaad “niets minder dan een meesterwerk is”, zoals de cover Het Parool citeert. Te vaak moet ik het antwoord schuldig blijven. Omdat het lang geleden is, omdat het geen diepe indruk bij mij heeft achtergelaten, of gewoon omdat ik het gemist heb. Te zeer in beslag genomen door andere lectuur. 

Met goedvinden van E. besluit ik met haar mee te lezen. Niet noodzakelijk een op een, maar wel: uit de lijst die ze van school heeft meegekregen. Noem het maar achterstallig onderhoud. En het levert nog boeiende gespreksstof op ook, voor thuis aan tafel. 

Zo las ik de afgelopen weken eindelijk Publieke werken van Thomas Rosenboom (een schitterend gegeven, knap uitgewerkt bovendien), maakte ik kennis met Thomas Lieske (Gran Café Boulevard moet even op de rails komen maar als het loopt dan loopt het ook), en herlas ik Knielen op een bed violen van Jan Siebelink (recht overeind gebleven). 

Het is bijna te mooi om waar te zijn. 
Wordt (dus) vervolgd.

Deel dit:
[gravityform id="10" title="true" description="true" ajax="true" tabindex="0"]