Door Leo Bankersen

De 29ste editie van het Nederlands Film Festival wordt vanavond in vijf Utrechtse zalen geopend met de première van Ramon Gielings bevlogen filmgedicht Tramontana – of was dit filmfeest toch stiekem gisteren al van start gegaan?

Deze etalage van de Nederlandse filmindustrie is natuurlijk de uitgelezen plek om als filmmaker nieuw werk te presenteren, maar sommigen blijven liever buiten de drukte. De storm bijvoorbeeld, nu al hard op weg om het grote Nederlandse kassucces van dit seizoen te worden, koos voor Film by the Sea in Vlissingen, wat gezien het onderwerp overigens wel voor de hand lag.

Lover of Loser heeft het subtieler aangepakt. Deze vierde film naar een boek van Carry Slee is vlak tegen het Nederlands Film Festival aan gaan zitten en beleefde gisteravond zijn feestelijke wereldpremière in de Utrechtse Stadsschouwburg. Het festival is sportief genoeg om dit een voor-opening te noemen.

Met Lover of Loser zo pal naast Tramontano zijn ook de uitersten waartussen de Nederlandse speelfilm zich beweegt glashelder neergezet. Lover of Loser van Dave Schram is een typische doelgroepfilm die de aan Slee verslingerde tieners deze keer een redelijk stevig thema voorzet. Een meisje van vijftien dat een hopeloze verliefdheid koestert, in de steek gelaten wordt door haar beste vriendin en bang is dat haar stiefvader haar wil aanranden valt in handen van een leuke vlotte jongen die een loverboy blijkt te zijn. Spannend, maar regelmatig ook veel te kort door de bocht en met een ontknoping die zelfs voor tieners niet erg geloofwaardig moet zijn. Zo komt er wel erg veel op de schouders van de verdienstelijk debuterende Gaite Jansen te liggen. Dit mag niet de beste Slee-film zijn, het neemt niet weg dat de continuïteit die dit productieteam weet te bereiken bewonderenswaardig is. Daar zullen veel andere Nederlandse filmmakers jaloers op zijn.

Daartegenover staat Tramontana van de aan Spanje verslingerde Ramon Gieling, die daar eerder al de schitterende documentaires Johan Cruijff – En un momento dado en Joaquin Sabina draaide. Met Tramontana – geheel Spaanstalig met Spaanse acteurs – heeft Gieling een puur Spaanse film gemaakt, ongeveer zoals David Verbeek vorig jaar met Shanghai Trance een ‘echte’ Chinese film afleverde.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie.
Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen.

Tramontana, geïnspireerd door de mysterieuze wind die bijna altijd over de rotsachtige kust van Noord-Spanje waait en in veel legendes een rol speelt, vertelt het verhaal van een gedoemde liefde tussen een oudere man en een veel jongere vrouw. Hoe dat zich precies heeft afgespeeld blijft echter zo ongrijpbaar als de wind en de herinnering, want naarmate het verhaal vordert neemt het verschillende gedaantes aan. Misschien speelt het allemaal wel in de verbeelding van de vier oude mannen die in het café zitten te kaarten, en allemaal zo hun eigen herinnering aan de liefde hebben. Die ongrijpbaarheid is iets waar Gieling niet echt een bevredigende oplossing voor heeft gevonden, want hoe prachtig ook verbeeld en gespeeld, het glipt je toch een beetje als zand, pardon, de wind door de vingers.

Tijdens de openingsavond is ook de winnaar van de Filmprijs van de Stad Utrecht 2009 bekend gemaakt. Bas Berkhout won de prijs voor zijn korte documentaire debuut Roos Rebergen – “Weet ik niet zo goed”, een ontwapenend portret van de negentienjarige Roos Rebergen, de prijswinnende singer-songwriter Roosbeef. Haar ster is rijzende, maar ze moet moedeloos toezien hoe haar ouderlijk huis gesloopt wordt. ‘Een klein thema wordt ontroerend verbeeld met heldere shots, mooie animatie, goed gebruik van clips en treffende interviews. Je voelt een sterke band tussen filmmaker en onderwerp. Toch weet de maker knap afstand te bewaren, zodat het portret intiem – maar niet klef – wordt.’ Aldus de jury.

Scheidend directeur Doreen Boonekamp is tijdens de openingsavond benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Minister Plasterk: “Doreen Boonekamp is acht jaar directeur geweest van dit festival, en in die periode is het festival uitgegroeid tot het grootste media-evenement van Nederland. In diezelfde periode ging de Nederlandse filmwereld haar ook steeds meer zien als een belangenbehartiger in het politieke krachtenveld. Ze is een gedreven persoon met een niet aflatende werklust. Soms lijkt het wel of ze dag en nacht bezig is met de belangen van de Nederlandse film. Het zijn allemaal karaktereigenschappen die in deze samenstelling iets speciaals hebben opgeleverd: een vrouw die met een natuurlijk gezag haar functies uitoefent, en daar weet ze mensen in mee te krijgen.”