Door Leo Bankersen

Net wanneer je het wel gehad denkt te hebben met documentaires rond het Palestijns-Israëlische conflict is daar de wereldpremiere van Jaffa, The Orange’s Clockwork. De Israëlische filmmaker Eyal Sivan dook jarenlang in de beeldarchieven en zet de geschiedenis van Palestina en Israël nog eens op een rijtje aan de hand van de beroemde Jaffa sinaasappel. Hoe met behulp van het zonnige fruit een heuse mythe werd gecreëerd.

 

De sinaasappel! Het is logisch en toch onverwacht, een verrassingseffect waarmee Sivan, die naar eigen zeggen graag prikkelt tot debat, gelijk de aandacht heeft. Het begint met een vrolijk citruslied, maar de boodschap is serieus genoeg en Sivan wisselt ironische, soms zelfs hilarische observaties moeiteloos af met gedegen analyses en aangrijpende getuigenissen. Hij trakteert ons op een overvloed aan historisch foto- en filmmateriaal en projecteert dat soms plompverloren op de muur bij historici die hij commentaar laat leveren. Een schitterende les in kijken.

Sivan laat niet alleen zien hoe het de Palestijnse en later Israëlische sinaasappelteelt verging onder invloed van de politieke veranderingen, maar ook hoe filmbeelden van de sinaasappel, geplukt door frisse joodse meisjes en weggedragen door Arabische sloofjes, een centrale rol speelden bij het creëren van de zionistische mythe over het tot bloei brengen van verdorde land.

Jaffa, zo legde Sivan later in de talkshow uit, gaat niet alleen over wat die propagandafilms laten zien, maar ook wat ze juist niet laten zien. Beeldmateriaal van het bloeiende Palestijnse leven uit het begin van de vorige eeuw is geheel uit het zicht geraakt. In de sinaasappelfilms zijn wel Palestijnse plukkers te zien, maar nooit Palestijnse boomgaardeigenaren. En wees gerust, Sivan vergeet de Palestijnse propaganda niet. Daarin is de sinaasappel een bloedsinaasappel geworden.