Door Wijbrand Schaap, Ingrid van Frankenhuyzen en Robbert van Heuven

Het conflict van de besturen van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouw Directies (VSCD) en de door die vereniging in het leven geroepen Stichting Promotie Theater- en Concertbezoek (SPTC) met het door de laatstgenoemde stichting opgerichte Bureau Promotie Podiumkunsten (BPP) is een nieuwe fase ingegaan. We berichtten er eerder over. Inmiddels zijn er diverse interne memo’s over en weer gegaan, waar we verder over gezwegen hebben. Immers: dat waren meestentijds herhalingen van zetten. Maar nu heeft het bestuur van de SPTC zich in de strijd gemengd met een brief aan de leden die er niet om liegt. Bijgevoegd plaatsen we hem maar, dan kunt u zelf lezen wat er gezegd wordt. 

Toelichting SPTC op conflict met BPP

Dossier
Saillante details te over. Zo besluit het bestuur van de SPTC, voorgezeten door de penningmeester van de VSCD, het hele dossier op tafel te leggen wat kennelijk was opgebouwd over het slechte functioneren van de directie van het BPP, dat al in 2005 niet naar wens zou hebben gefunctioneerd. Het is een opvallende zet in een strijd die tot nu toe met alle omzichtigheid werd gevoerd, maar die nu dus een naardere fase in aan het gaan is.  

Negatief vermogen
Opvallender is echter de detaillering die de SPTC geeft over het conflict dat in 2009 ontstond. Dat draaide in het kort om de financiering van de omzetting van de aloude Theater- en Concertbon naar een digitaal bruikbare ‘kaart’, waarmee ook bij online aankopen van kaartjes kon worden gewerkt. Voor deze operatie was nogal wat nodig, zoals we ons kunnen voorstellen, en het daarvoor begrote bedrag van ruim zes en een halve ton klinkt niet vreemd. De SPTC vond dat BPP dat uit eigen middelen moest betalen, destijds ongeveer 9 ton. Dat vond BPP te veel en vroeg daarom een extra bijdrage aan SPTC van 4 ton, zodat de invoering niet teveel ten koste zou gaan van bestaande activiteiten en personeel. Op zich geen vreemd verzoek, gezien de bedragen die ermee gemoeid waren. Maar hier liep het dus uit de hand, vernamen we. 

Waarom SPTC geen extra geld voor de omzetting van de bon naar de kaart wilde vrijmaken, maakt het bestuur overigens nu ook zelf in een later stuk van de brief helder: in 2009 begon de SPTC, die het geld van de theaterbonnen beheert namens de VSCD, die gefinancierd wordt met contributies van de aangesloten Schouwburgen en Concertgebouwen, het boekjaar met een negatief vermogen. Dat is een ander woord voor ‘schuld’. Foutjes gemaakt bij de beleggingen, die inmiddels echter weer een beetje schijnen te zijn hersteld.
Nu weten we dat schulden niet leuk zijn, en vaak nogal lastig zijn bij het plannen van investeringen. We kunnen ons niet voorstellen dat het conflict, dat volgens de ene partij in 2005 begon, en volgens de andere pas in 2009, hier niets mee te maken heeft. 

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie. Die bijdrage komt ten goede aan de auteur, in dit geval Redactie. Zo kan Cultuurpers blijven bestaan!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen aan het werk van Redactie.

Cultural Governance
Een ander punt is ‘Cultural Governance’. We hebben dat eens uitgezocht. Hier het resultaat:
De noodzaak voor meer transparantie in de wijze waarop culturele instellingen worden bestuurd, leidde in 1998 al tot de oprichting van de Commissie Cultural Governance onder leiding van Melle Daamen. In 2000 kwam de commissie met het rapport Cultural Governance: Kwaliteit van bestuur en toezicht in de culturele sector. Daarin deed de commissie enkele aanbevelingen om de kwaliteit en de zelfregulering van besturen van culturele instellingen te verbeteren. Vooral nadruk kregen het helder maken van de taakafbakening tussen toezichthouder (bestuur of raad van toezicht) en directie, de (onafhankelijke) samenstelling van de toezichthouder en de transparantie over hoe die toezichthoudende rol wordt ingevuld.
Na het rapport volgden er, in samenwerking met Kunst&Zaken en in opdracht van het ministerie van OCW, een handleiding met 23 aanbevelingen en in 2007 een Code Cultural Governance . Het idee achter de code is dat instellingen die zich er aan committeren, dat in hun jaarverslag opnemen en dan ook uitleggen waarom zij eventueel van de Code afwijken: het zogenoemde ‘pas toe of leg uit’-beginsel.  

Pas toe of leg uit
Wat betreft de VSCD: zij geven in hun Jaarverslag 2008 aan dat zij cultureel ondernemerschap van de aangesloten podia verwachten en geven daarbij de Code als een van de uitgangspunten. Opvallend is dat de organisatie in zijn jaarverslag de Code niet op het eigen handelen betrekt. En dat de organisatie zich bovendien aan verschillende punten uit de Code lijkt te onttrekken. Pikant detail daarin is nog dat Hans Onno van den Berg, directeur van VSCD en SPTC in de werkgroep Cultural Governance zit die de Code hielp opstellen.
De problemen zitten vooral bij de verhouding tussen VSCD en SPTC en het feit dat Van den Berg directeur van beiden is. Ook bepaalt de VSCD wie er in het bestuur van het SPTC zitten en is de penningmeester van de VSCD, Arthur Oostvogel, tevens de voorzitter van de SPTC. In de Code Cultural Governance staat onder andere het volgende:

‘Het bestuur is zo samengesteld dat de leden onafhankelijk van elkaar, van de directie en van deelbelangen kunnen functioneren als goede bestuurders en als goede toezichthouders en adviseurs van de directie. In het bestuur heeft niet meer dan één voormalig directielid (of andere beleidsbepalende functionaris) zitting. Deze persoon is geen voorzitter van het bestuur.’   

Dat lijkt in het geval van de SPTC niet aan de hand. Als penningmeester van de VSCD heeft Oostvogel ook belangen bij hoe de hazen lopen bij de SPTC. Ook het feit dat Oostvogel, maar ook andere leden van het bestuur zijn aangewezen door VSCD, maakt de verhouding SPTC en VSCD een merkwaardige. Daar komt nog bij dat een van de twee andere leden van het bestuur, Bert Mertens, werkt bij de Rabobank, die gelieerd is aan fondsbeheerder Schretlen&co die weervoor de SPTC de gelden van de Theater en Concertbon belegt. In het jaarverslag 2006 schreef de VSCD daar al over:  

‘Het bestuur is zich bewust van de belangenverstrengeling van één van zijn bestuursleden met Schretlen(gelieerd aan de Rabobank), maar heeft besloten dat dit geen bezwaar is omdat de andere bestuursleden leidend zijn in de besluitvorming op dit onderwerp.’  

Belangenverstrengeling
Maar daarmee wordt een mogelijke, verregaande verstrengeling van belangen die strijdig is met de Code Cutural Governance wel heel gemakkelijk afgedaan. In een reactie zegt woordvoerder René Lomanvan de Rabobank daarover:  

‘Ik heb Bert Mertens net gesproken. Bert Mertens is inhoudelijk niet betrokken bij deze zaak. Hij is adviseur over de beleggingstrategie bij de SPTC. De Rabobank heeft daarom geen commentaar, ik ken de culturele wereld niet, het conflict ook niet maar wat ons betreft is er helemaal niets aan de hand.’   

Melle Daamen, ‘uitvinder’ van de Code en inmiddels als directeur van de Amsterdamse Stadsschouwburg lid van de VSCD, zegt in een reactie op de verstrengeling tussen SPTC en VSCD:  

‘De kwestie VSCD/SPTC/BPP is een zwaar opgetuigde organisatievorm, een heel complexe constructie. Dat wreekt zich natuurlijk bij ‘persoonlijke ontevredenheid’. De toezichthouders zijn er niet in geslaagd dat in goede banen te leiden. Dan gaat het erg ver om de geldkraam dicht te draaien, dat is een enorm zwaar middel en dan rijzen er vragen over ‘twee handen op één buik ‘met Hans Onno van den Berg die zowel directeur van de VSCD als de SPTC is. Of het formeel en juridisch allemaal onjuist is, dat weet ik niet.’  

Theatercompagnie
Cultural Governance werd ook in verband gebracht met de affaire Theatercompagnie. Daar besliste de rechter dat dit fonds niet kan beslissen over subsidies wanneer leden van de adviescommissie zelf belang hebben bij de verdeling van de subsidies. Wat betreft het NFPK ligt de situatie echter net wat anders. Door sommigen werd na de uitspraak van de rechter over de Theatercompagnie gesuggereerd dat de commissies strijdig waren met de Code Cultural Governance (dit zegt bijvoorbeeld sptc-bestuurslid Leo Pot op zijn blog). Deze zienswijze klopt echter niet helemaal, omdat de Code slaat op de bestuursstructuur van het Fonds en niet op de samenstelling van de commissies. Wat niet wegneemt dat het Fonds zelf zou kunnen besluiten om zijn commissies op een zelfde manier samen te stellen als de Code suggereert voor besturen of raden van toezicht. Dat zou niet eens zo’n gek idee zijn en wellicht een manier om uit de impasse te komen waarin het peer review systeem zich nu lijkt te bevinden.

2 REACTIES

  1. Weer even een kleine nuancering: De VSCD en de SPTC zijn geen gesubsidieerde organisaties (hoogstens indirect) en hoeven zich dus formeel gesproken geen zier aan te trekken van Cultural Governance.

Comments are closed.