Door Ellen Segeren

Wie dacht dat buiten de lijntjes kleuren in het pianospel een verschijnsel was van de afgelopen eeuw, moet dat beeld herzien. Al in de 18e eeuw schreven componisten pianisten voor om iets anders te doen dan de toetsen aanslaan. De eerste promoverende pianist Luk Vaes dook voor zijn proefschrift in stapels recente en oude muziek en verbaast zichzelf en ieder ander met zijn bevindingen.

Met de piano kan veel meer dan klank maken door de toets in te drukken. Je vinger langs de snaren halen, op het zangbord slaan, bouten tussen de snaren steken, je kunt het zo gek niet verzinnen of componisten hebben het genoteerd. Interessante materie als je pianist bent, en al helemaal als je er onderzoek naar doet. De Gentse pianist Luk Vaes promoveert erop in het docARTES-programma van een aantal samenwerkende muziekinstellingen en universiteiten. Vaes is de eerste promoverende uitvoerende musicus in Nederland, die zijn conclusies behalve in het proefschrift ook in de concertzaal gaat aantonen.

 Omdat Vaes veel hedendaagse muziek uitvoert, kende hij al veel recente technieken zoals de piano prepareren met materialen om de klank te beïnvloeden. Hij had wel gehoord van kanonschoten verklankt door clusters in 19e-eeuwse battle pieces en wist ook dat Brahms glissandi had gebruikt, maar hij wilde onderzoeken of dat iets unieks was of een techniek die breder verspreid was. Daarvoor bekeek hij hele piano-oeuvres van een heleboel componisten.  

Vroegst bekende klavierglissando, in Apollon vient les exterminer van Christophe Moyreau (<1753, beeld Luk Vaes)

 ‘Graven in bibliotheken kostte enorm veel tijd. In de Library of Congress in Washington moest ik bijvoorbeeld voor elk manuscript van Cowell afzonderlijk een formulier invullen en vervolgens wachten tot het uit het magazijn werd gehaald. Maar het spitwerk werd beloond. In het Nederlands Muziekinstituut vond ik glissandi in tien werken van Henry Herz uit de jaren 1830. Vele daarvan in tertsen en – zeldzaam – dan ook nog pianissimo. Interessant, want van het glissando denken velen dat het snel en luid moet. Ik begon lijn te ontdekken, maar voelde ook de noodzaak om meer partituren te zien. Ook van vroegere werken.’  

Het einde was zoek. ‘Het was een lawine. Ik was obsessief, ik móést 90% van de beschikbare partituren van een groot aantal componisten gezien hebben. Dus vloog ik naar Parijs, Weimar, New York, het Getty Museum… Een ongezien battle piece betekende onrust. Telkens als ik iets vond, was dat “aaaahhh!”, maar het werd steeds meer “zie je wel!”: die clusters en glissandi stonden niet op zichzelf. Het heeft jaren gekost om 17.000 partituren in te zien. De neerslag staat op 1070 pagina’s proefschrift. Eigenlijk zijn het drie dissertaties in een met al die technieken in al die eeuwen.’ 

Vaes ontdekte allerlei technieken die met afkortingen zijn aangeduid. Zo bevat een werk van Rust (1739-1796) een akkoord waar tenuto (met nadruk) en piz (pizzicato, de snaren met de vingers plukken) bij staat. Vaes legt uit: ‘De toetsen van het akkoord moeten hier geluidloos worden ingedrukt, waarna de pianist met zijn vinger over de snaren strijkt. De gedempte snaren hoor je niet, maar de snaren van de ingedrukte toetsen brengen een etherische klank voort, reden waarom de Amerikaanse componist Cowell dit effect in 1923 Aeolian Harp noemt. Er staat zelfs een vingerzetting boven het akkoord: 2-1-2, dus met de wijsvinger heen, met de duim terug en weer met de wijsvinger heen.’
Luk Vaes (foto Mara Jong)

 Werden de technieken in de achttiende en negentiende eeuw vooral programmatisch gebruikt, bijvoorbeeld om onweer na te bootsen, in de twintigste eeuw gaat het vaak om de techniek zelf. En pas bij John Cage krijgt elke klank of handeling evenveel erkenning, of die nu met een extended technique tot stand komt of niet. Maar al is die muziek recent, er bestaat veel onduidelijkheid vanwege de summiere informatie in de werken over de uitvoeringswijze. Dat een componist nog leeft, is geen garantie voor antwoorden, ontdekte Vaes. ‘In een stuk van John Cage zit op alle noten een preparatie, behalve één. Ik heb hem voor zijn dood nog gevraagd waarom die ene noot niet geprepareerd was. Is dat een fout? Hij antwoordde dat hij dat stuk veertig jaar geleden had gemaakt en dat nu echt niet meer wist.’ 

Ook informatie over de dikte van gebruikte bouten of de vorm van stukken plastic laat te wensen over. Vaes heeft geprobeerd in zijn proefschrift zo veel mogelijk antwoorden te geven. Hij ging zelf uitvogelen welke materialen voor preparatie in de partituren worden bedoeld. Bij de hengelsportwinkel bekeken ze hem met opgetrokken wenkbrauwen. ‘Wat te denken van een man die komt vragen naar een vislijn van zes pond? Ze willen dan toch weten of dat kevlar moet zijn, of welk type en welk merk. “Zes pond” bleek te slaan op de trekkracht van de lijn. Maar eer ik daarachter was, was ik al een aantal rollen vislijn verder.’

Niet elke zaal is blij met pianisten die de vleugel voor extended techniques gebruiken. Vaes snapt daar alles van. ‘Als je met harde lijm plakkertjes aanbrengt die je later van de dempers trekt, trekken de dempers krom. Prepareren moet met respect voor het instrument gebeuren. Dat moeten pianisten zich realiseren, maar componisten ook, om te beginnen. Als je bij het prepareren van de vleugel de stemmer erbij haalt en laat zien dat je het met liefde voor de piano doet, ontstaat er meer begrip. In de Singel in Antwerpen mag ik de goede instrumenten niet gebruiken, en ergens begrijp ik dat wel. Dat wil zeggen, als het verder gaat dan het idee van: daar dient dat niet voor. Dat is een morele connotatie.’

Vaes heeft sinds de aankondiging van zijn promotie nogal eens de ernst van zijn onderwerp moeten benadrukken. ‘In het persbericht werd gewag gemaakt van het doorzagen van de piano. Dat wilde men in de tv-studio graag zien. Of ik dat wilde komen voordoen in een praatprogramma. Nou, nee.’ De bescheiden Vlaming is trouwens nogal overdonderd door de media-aandacht. ‘Blijkbaar spreekt het onderwerp tot de verbeelding.’ 

 

Concerten in het kader van de promotie:
18 dec. 20.00 u, Koninklijk Conservatorium, Den Haag: Early Treasureswerken voor pianoforte, orgelpositief, clavecimbel en clavichord van Balbastre, Corette, Beethoven, Haydn, Clementi, Moyreau, Rust en Wernicke
20 dec. 20.30 u, Scheltema, Leiden: The Age of the Extended Piano – muziek van Rebikov, Cowell, Brown, Crumb, Lachenmann, Rzewski  
21 dec. 21.00 u, Korzo 5 hoog, Den Haag: The Prepared Piano and Instrumental Theatre – geënsceneerde en gechoreografeerde werken van Delage, Satie, Cage/Fort, Cage/Cunningham, Kagel, Mosconi    
22 dec.16.15 u, Academiegebouw, Leiden – openbare verdediging proefschrift  

Elke ochtend ons nieuws in je mailbox?

Wanneer je lid wordt kun je elke dag een update in de mail krijgen, met onze laatste berichten.

Word ook lid, door HIER te klikken!


Al lid? Login


De concerten zijn gratis toegankelijk ná aanmelding i.v.m. beperkte capaciteit (
r.wouda@koncon.nl). Dat geldt ook voor het bijwonen van de openbare verdediging op 22 december.