Tekst: Wijbrand Schaap
Theatergezelschappen in Nederland doen nauwelijks aan ensemblevorming: ze vinden lange dienstverbanden eng en geven in hun jacht op succes de voorkeur aan jong en vers acteervlees van de toneelschool. Ruim 10 jaar na haar debuut is Halina Reijn al oude garde bij Toneelgroep Amsterdam. Het Noord Nederlands Toneel, Oostpool, Ro Theater: overal ligt de gemiddelde leeftijd van de acteurs op het toneel zo’n twintig tot dertig jaar onder die van het publiek in de zaal. Om over de schrijvers nog maar te zwijgen. De gesubsidieerde sector vindt de ontwikkeling van talent belangrijker dan het behoud ervan en daarom wordt dus ook een schrijver die meer dan twee toneelstukken op zijn naam heeft staan bij het gesubsidieerde grof vuil gezet, en overgelaten aan de nukken van de vrije markt, waar ze soms een succesje boeken voor ook daar de verjongingsdrift toeslaat.
Beide tragische ontwikkelingen van het Nederlandse toneel komen nu samen in Mighty Society 7, dat als ondertitel de kromme formulering ‘A well made but rather excessive play met vier babyboombejaarden’ draagt.

Arme Els Ingeborg Smits, arme Shireen Strooker, Rudolf Lucieer en Tom Jansen. Daar sta je dan, als acteur met een carrière die langer is dan het leven van de schrijver, conceptbedenker en regisseur die jou babyboombejaarde noemt. Eric de Vroedt: in principe heb ik hem hoog zitten, vanwege zijn inspanningen om theater en inhoudelijk engagement samen te brengen, maar dit keer passeert hij een grens. In onwetendheid, natuurlijk, want het is de omgeving waarin hij zich dagelijks bevindt, die zo onnadenkend met het rijpere deel van de samenleving omgaat.
Onder het mom van een haarscherpe analyse van de problematiek van de vergrijzing schreef hij een rammelend stuk over een woongroep van doorgeschoten hippies die het sinds 1970 heeft volgehouden ondanks maatschappelijk succes, drankmisbruik en vrije seks. Natuurlijk staat hier de top van het Nederlandse theater te spelen, dus kunnen ze zelfs van deze krakende dialogen nog iets maken, maar los van een paar leuke oneliners en grappige typeringen ontstijgt deze ingewikkeld vormgegeven klucht niet het onbeduidende niveau van een workshopje op de toneelschool. Het drama wordt geen drama, omdat het zich grotendeels buiten het toneel afspeelt, en wat er dan wel gebeurt is te clichématig voor woorden: een euthanasietje, een oudere man met penopauze in een Zweedse olala-scène en een schilder (natuurlijk) die pas na veertig jaar uit de kast durft te komen. En ze waren allemaal fout in de seventies. Qua links. Els Ingeborg Smits blijkt een razend overtuigende Joanna Lumley in huis te hebben, maar in dit stuk raakt deze creatie ondergesneeuwd onder de oppervlakkige rest van het drama.
We hebben in Nederland schrijvers die het kunnen. Rob de Graaf, Peer Wittenbols, Maria Goos. Frans Strijards. Mensen die er hun vak van hebben gemaakt om zinnen te schrijven en situaties te scheppen waarin ze eigen ervaring, belezenheid en observatievermogen inzetten om de samenleving een meer of minder lachwekkende spiegel voor te houden. Dat zijn schrijvers die ondertussen niet bezig zijn met conceptontwikkeling, regisseren en organiseren. Die dat aan anderen overlaten. Eric de Vroedt kent ook zo’n schrijver: de nog relatief jonge Joeri Vos die hem eerder van een prachtig stuk voorzag. Misschien moet die maar weer eens een kans krijgen om op te groeien en oud te worden.

Gezien: Mighty Society 7 op 12 februari in Frascati Amsterdam.
Enhanced by Zemanta