13 redenen waarmee mensen weglopen bij een voorstelling

weglopen
afbeelding: wikimedia

Iedereen wil weleens weglopen bij een voorstelling, maar niet iedereen doet het. Tijd voor een lijstje met redenen van theaterbezoekers waarom ze weglopen.

Bij de opening van het SPRING festival waren ze er. Weglopers. Na de eerste 10 minuten al. Maar weglopen vinden makers of theaterdirecteuren vaak helemaal niet erg. Het geeft aan dat er tenminste iets aan de hand is. Reuring. Theater is er toch om het dagelijkse leven, vastgeroeste denkpatronen, op te schudden? Weglopen geeft bovendien (goede) publiciteit.

Het is daarom dat een succesvol theaterdirecteur uit het noorden van het land aanraadt bij het starten van een nieuw theater te beginnen met een schandaal. Zo een dat de kranten haalt en het liefst met vermelding van weglopen. Noem het een Sacre du Printemps-syndroom. Wie die rellerige première evenaart maakt naam. Hoewel in Frankrijk het publiek nog steeds bij zo’n 25% van alle voorstellingen schijnt weg te lopen.

De 13 redenen waarmee mensen vroegtijdig de zaal verlaten

(Een combinatie van redenen is natuurlijk ook geoorloofd.)

1. De voorstelling is te controversieel

Daar is de theatermaker die een lawaaierige carrière maakt. Zodra de voorstelling losbarst kiezen de eerste toeschouwers eieren voor hun geld. Waarom ze dan in eerste instantie gingen? Nou, misschien hoopten de bezoekers dat het enigszins mee zou vallen en doet de theatermaker er net een schepje bovenop. Hij wil dat de diehards overblijven, de echte kunstliefhebbers, zij die weten waar het over gaat. Een soort cultureelkritische purge.

2. Ik begrijp de voorstelling niet

Voor degenen die de purge niet doorstaan is dit een geldig argument. Zij haken af zodra de rest van de voorstelling boven hun pet gaat.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie.
Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen.

3. Ik kreeg dit ticket aangeboden

Je kunt ze overal winnen: theatertickets. Ding mee, er zijn kaarten te verloten, maak de slagzin af etc. Vooral afkomstig van theatermarketingafdelingen en gepost via Facebook. Of je kreeg kaartjes via werk, een kennis, een vereniging. Je bent dus eigenlijk een halve toeschouwer: met het ene been sta je in de gewone wereld en het andere voorzichtig even in de theaterwereld. Net genoeg om je been snel weer weg te kunnen trekken. Dat is iets anders dan iemand met een jaarabonnement of een gold card.

4. Een jaarabonnement of een gold card

Je bent die gelukkige abonnementhouder, of je betaalt een fors bedrag om lid te zijn van een culturele club met voorrechten. Van de reeks voorstellingen die je gaat zien zit er vast iets bij dat niet bij je past. En dan is er die ene voorstelling waar je zelfs niet uit beleefdheid wil blijven zitten, dus je schuifelt verontwaardigd langs veel knieën in het donker richting de uitgang.

5. Fysieke ongesteldheid

Voor kinderen opvoeden geldt: als je straf geeft mag het fysiek nooit schadelijk zijn. De meeste theatermakers houden zich daar wel aan. Weglopen om naar het toilet te gaan is dan ook geen probleem. Andere vormen van licht fysiek ongemak; een aankomende of reeds aanhoudende hoestbui, hoofdpijn, een airco die te koud is afgesteld of juist hard nodig, die zijn allemaal legitiem. Psychosomatische verschijnselen; misselijkheid vanwege het getoonde, emotioneel/fysiek in de knoop raken, hoofdpijn vanwege beukende of snerpende muziek, een marathonvoorstelling van meer dan vier uur die je fysiek helemaal afmat. Ook prima redenen om snel verlichting te zoeken.

6. Overlast door anderen

Je vindt de voorstelling prachtig maar je wordt onpasselijk van de geur van de toeschouwer naast je of je ergert je aan een groep van scholieren die verplicht komen en hardop onwennig laten weten wat ze van de voorstelling vinden.

7. Overlast door jezelf

Komt weinig voor dat een bezoeker op last van de directie of personeel gevraagd wordt te vertrekken. Maar het kan. Of je verlaat de zaal vanwege een jengelend kind dat je hoopvol meenam voor een cultureel avontuur maar dat niet stil te krijgen is.

8. De voorstelling is open van aard

Van sommige koppels hoor je weleens dat ze ‘een open relatie’ hebben. Dat geldt ook voor bepaalde kunstenaars. Zij hoeven het publiek niet aan zich te binden met een stoel, stoelnummers, stoelen in rijen. Laat het publiek zelf bepalen wat het doet. Je mag het toneel oplopen, de zaal in- en uitlopen en je mag ook het theater uitlopen.

9. De voorstelling is mislukt

Dat een cabaretier het publiek geld terug gunt na een mislukte try-out. Mislukt in de ogen van de cabaretier zelf vooral.

10. De voorstelling is ronduit slecht

Dit is glad ijs. Want slecht is een veel te subjectief begrip. Toch is de klant koning, de toeschouwer in dit geval. ‘Ik betaal dus ik bepaal.’ Vind je de voorstelling ronduit slecht en wil je niet nog 1,5 uur blijven zitten, kun je weglopen. Bij een slechte film op tv weten ze je nog te laten plakken op de bank om na afloop met een kater je af te vragen hoe je in hemelsnaam die tijd hebt kunnen zitten verdoen. Als ze dat in een theater niet lukt is het botte pech.

11. De uitvoering is bagger

Een toneelstuk of concert kan prachtig zijn maar de uitvoering door de spelers is bar slecht. Dit is een belediging voor jouw verfijnd cultureel vermogen dus je vertrekt.

12. De voorstelling is te braaf of te traag

Je hoopte op een verpletterende avond maar het is alles te gezapig, te saai en veel te langzaam. Dit houd je niet vol dus je stuitert de zaal uit.

13. Ik moet de trein halen

Uiteraard kan de toeschouwer vooraf een en ander inplannen. Maar soms begint een voorstelling te laat of loopt deze uit. Wil je nog thuis komen zonder dure taxi of een ellenlange voettocht door een verlaten stad moet je wel eerder vertrekken.

Leuk voor de een, pijnlijk voor de ander

Oké, je hebt met je weglopen een signaal afgegeven dat je het maar niets vond. Of je was domweg gedwongen weg te gaan. Helaas weten de artiesten zelf er het fijne niet van. Weglopen voelt voor de performer als een persoonlijke afwijzing en hij bevindt zich tussen wal en schip. Weet hij ook wel dat de voorstelling niets is en er niet echt in gelooft, kan hij een tirade verwachten van de maker. Hij moet dus alles geven. Weglopen is hem dan nog wat verder wegduwen in de misère. Misschien is het daarom dat de kroeg na het theater zo populair is.