Hij herkende zich er totaal niet in, vertelde Cees Debets maandag 16 maart in zijn Koninklijke Schouwburg. De directeur van het Het Nationale Theater doelde op het getal van 62% van de gesubsidieerde podiumkunstmakers dat volgens beroepsorganisatie NAPK ‘Druk of (zelfs)censuur ervoer bij het maken van kunst’. De directie van NAPK reageerde verrassend: het waren ook niet 62% van tous podiumkunstenproducenten die die druk of (zelf)censuur ervoeren. Het waren 62% van de 30 respondenten op een uitvraag die de beroepskoepel had gedaan onder alle 200 leden, van wie de meesten enige vorm van subsidie ontvangen.
Dus is het communiqué de presse dat ook wij (onverkort, want de NAPK is lid) plaatsten, niet correct. De suggestie die dat bericht deed, dat er wel zeker 124 podiumkunstproducenten (62% van 200 leden) zouden zijn die druk of (zelf)censuur ervoeren, is feitelijk onjuist. Het zijn slechts 18,6 podiumkunstproducenten, die de moeite hebben genomen om de enquête in te vullen. Los van de vraag wie die 0,6 podiumkunstproducent is, kunnen we dus een flinke nuance aan brengen bij de noodsituatie in de podiumkunst.
Terreur
Er is natuurlijk wel eens gedoe. De Raad voor Cultuur heeft dat buitengewoon goed onderzocht, en moest constateren dat er vooral problemen zijn bij podia, waar stand-up comedians worden geboycot, punkbands geweigerd, directies bedreigd en ophef gegenereerd, mede dankzij een op woede concurrerende talkshowcultuur. Wereldconflicten als in Oekraïne en Gaza plus Iran en Israël+VS: maar al te vaak worden die ook hier uitgevochten via media en podia. Dat leidt inderdaad soms tot benauwde situaties, en zelfs terreur.
Paul Knieriem van de Amsterdamse jeugdtheatergroep De Toneelmakerij besloot daarom ook een voorstelling waarin een vriendschap tussen een Joodse en Islamitische jongen centraal staat, buiten de pers te houden. Opmerkelijk natuurlijk, want dat is geen zelfcensuur maar actieve censuur. De angst voor escalatie door media-aandacht zou nooit mogen leiden tot het ‘buiten de pers houden’ van met overheidsgeld gemaakte kunst.
Geen nieuws?
Op de door de NAPK belegde middag in de Koninklijke Schouwburg was er dus genoeg om over te praten. Maar helaas dus ook veel ruis om iets dat ook door de sector zelf groter wordt gemaakt dan het is. Dat het gesubsidieerde jeugdtheater regelmatig tegen grenzen oploopt is ook niet van vandaag. Al in 2002 schreef ik er een stuk over in het Utrechts Nieuwsblad, onder de titel: De Ramp van het CKV. Het gesubsidieerde jeugdtheater heeft immers als taak om hier en daar wat grenzen te verleggen.
Wat nieuw is, is de verharding en polarisatie van de samenleving, vooral ‘sinds Corona’. Sociale media bieden mensen met een mening een veel directer platform dan de ouderavond of ingezonden brief van de jaren daarvoor. Dat ook wereldpolitieke spelers als Rusland en de VS via trollenlegers sinds de jaren 10 van deze eeuw actief meewerken aan polarisatie, doet er nog een schepje bovenop. Polarisatieprofessor Hans Boutelier hield daar een aansprekend betoog over.
Oost-Duitsland
Blijft wel de vraag over wat we aanmoeten met de ‘toolkit voor makers’ die NAPK op deze middag presenteerde. Daarin staan tips en handreikingen die deels in het verlengde liggen van de veel uitgebreidere handeling die koepel Kunsten ’92 een dikke maand geleden uitbracht. Beetje dubbel dus, maar er is, bij nadere lezing, nog iets mis.
De toolkit is een bewerking van een Duits origineel. De NAPK was de afgelopen tijd op bezoek in de voormalige DDR, een regio waar de onweerstaanbare opkomst van extreemrechts voor enorme problemen zorgt. Ik kan ervan meepraten, ik bracht in dezelfde tijd een paar festivals door in Weimar, en zag hoe makers en producenten er op eieren moesten lopen.
Doodeng
Dat komt ook, omdat in Duitsland de verhouding tussen politiek en kunst totaal anders is dan hier. Subsidierelaties zijn veel inniger, en politieke benoemingen in culturele topfuncties standaard. Mensen die hier klagen over een overvloed aan vinkjes en codes, moeten voor de lol eens met kunstenaars in Thüringen gaan praten. Dat de AfD zich diep in de kunstwereld heeft ingegraven, is doodeng. Aan de andere kant: wie het waagt om kritiek te hebben op Istraël kan zijn optreden of baan ook schudden.
Allemaal zaken die hier in de verste verte niet aan de orde zijn, al zou het Trumpiaanse front in de Nederlandse Tweede Kamer niets liever willen dan dat. Dat konden we op 19 januari allemaal zien: La consultation législative sur la culture a été une étape utile pour les factions Trumpistes de la Chambre des représentants.
Buiten de pers?
Vooralsnog is een beetje zelfcensuur in de gesubsidieerde podiumkunsten dus niet het grootste probleem. De checks & balances die onze rechtsstaat biedt zijn net iets steviger dan die aan de overkant van de Atlantische Oceaan. Maar ‘Thorbecke’ is niet heilig meer en de rechtsstaat kan alleen overleven als alle betrokkenen erin blijven geloven.
De vraag is dus of het goochelen met cijfers, gepimpte percentages en formuleringen als ‘steeds meer’ de zaak vooruit helpen. De vraag is nog meer of er dingen ‘buiten de pers’ moeten worden gehouden. Laten we vooral de democratie niet zelf gaan slopen.




