Het is de eerste massascène in Wagners Ring: Siegfried voert Brünnhilde naar de Gibichungenburcht en Hagen roept al zijn mannen bijeen. Vanaf het zijtoneel klinkt letterlijk oorverdovend hoorngeschal, maar dirigent Ed Spanjaard laat doorspelen. En terecht: in het orkest slaat een vonk over. Het hele toneel is in een oogwenk gevuld en het koor zwelt in kracht aan, luider en luider, alsmaar luider, tot de extatische apotheose:

Gross Glück und Heil lacht nun dem Rhein

Terwijl het koor van links naar rechts beweegt, kijkt regisseur Antony McDonald geamuseerd toe, maar zijn assistent Richard Jones ziet dat de choreografie van de massa nog niet helemaal perfect is. Hij rent richting het toneel, schuift wat en steekt dan zijn duim omhoog. Ondertussen maken technici en belichters aantekeningen, dramaturge Helen Cooper knijpt in een flesje water en praat met intendant Guus Mostart die na deze productie afscheid neemt van de Reisopera.

Hier gebeurt iets, maar wat? De spanning is voelbaar, maar tegelijkertijd lijkt alles volgens plan te verlopen. Er is nog tijd genoeg.

Spanjaard laat het koor tweemaal enkele regels opnieuw zingen en keert dan terug naar het begin van de scène. Weer klinken de hoorns te luid.

Voor je verder leest...

Wij geloven in onderzoeksjournalistiek over cultuur. Het is geen onderwerp waar je enorm populair mee wordt. Reden waarom de meeste media alleen die paar sensationele berichten meenemen, maar niet verder kijken. Cultuurpers richt zich juist op die verhalen die voor de cultuurwereld belangrijk zijn, maar die de grote media te klein vinden. Dat kunnen we alleen volhouden als jij meedoet. Door ons tips te geven, maar ook als je lid wordt of ons steunt met een donatie. Houd de cultuurwereld scherp!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen. Geef 2,50, 10 euro of meer!

En nog een keer. Hier wordt geen leger bijeengeroepen, maar een heel land.

Na de vierde overdaad aan decibellen klinkt het droog uit de orkestbak: “Hoe klinkt het in de zaal?”

“Te luid!” roept zijn constant bewegende assistent.

“Wat?”

“TE LUID!”

Het is de laatste orkest- en toneelrepetitie van Götterdämmerung, de langste opera uit Wagners Ring. De orkestbak is die van het Wilminktheater, net als het theater van Wagner in Bayreuth gebouwd met in het achterhoofd de enorme eisen die deze monsteropera’s stellen, en de beste operazaal van Nederland volgens Ed Spanjaard. De orkestbak is tevens de grootste van ons land, zodat niet alleen het Gelders Orkest er moeiteloos in past, maar ook de tientallen ‘geleende krachten’ van het Nederlands Symfonieorkest. Het toneel is daarbij zo groot dat het koor van de Reisopera er moeiteloos kan bewegen. Meer dan dat: voor Götterdämmerung is het aangevuld met twee Bulgaarse koren om aan Wagners megalomane eisen te voldoen.

Als het koor in de coulissen is verdwenen, hervat Spanjaard de repetitie met de slotscène van de tweede akte. Niet wetende dat Siegfried door Hagen en Gunther misleid is, komen alle wraakzuchtige gevoelens bij Brünnhilde naar boven. Gedrieën besluiten ze Siegfried te doden. We zijn na veertien uur Ring eindelijk bij Siegfrieds Tod – het startpunt voor Wagner.

De scène loopt opmerkelijk soepel, hoewel Kirsten Blanck na het onverwacht afhaken van Judit Németh pas een maand geleden werd gecontracteerd en de loodzware rol van Brünnhilde voor het eerst zingt. Daarvan is evenmin iets te merken als later de derde scène van de eerste akte doorgenomen wordt. Blanck dolt wat met Daniela Denschlag (Waltraute) als Ed Spanjaard het orkest nog enkele aanwijzingen geeft. De scène tussen beide zusters wordt door de dirigent tweemaal onderbroken, waarbij kleine foutjes onmiddellijk hersteld worden. Een half nootje hier, een net iets ander tempo daar, een kleine aanpassing in de dynamiek.

Zout, slakken?

Nee. Het cliché wil dat Wagner een en al bombast is, maar Spanjaard is er op uit om te bewijzen: Wagner zit in de subtielste details.

Spanjaard begon de repetitie met weer een andere scène: het begin van de derde akte. Maar dan niet met honderd man in orkestbak, maar met louter de harpen. Tot vijfmaal toe wil hij alleen de harpen horen en legt geduldig uit wat hem voor ogen staat.

En zijn aanpak werkt. Wanneer het orkest na anderhalf uur pauze krijgt, Spanjaard aan de thee zit, klinken uit de bak juist die harpklanken.

Die harpen mogen even later vroeg naar huis. Net als de rest van het orkest. Op de blazers na. Daarvoor gebruikt Spanjaard het laatste half uur van de repetitie. De lat wordt steeds hoger gelegd.

Er volgen nog twee voorgenerales, de generale repetitie en op 30 september moet alles kloppen. Wat niemand voor mogelijk hield, wordt dan werkelijkheid: de Nationale Reisopera voltooit de complete Ring. Een prestatie van formaat. Maar het is een Ring met een wrange nasmaak. Want hoe goed de eerste drie delen ook ontvangen zijn, een uitvoering van de complete Ring, oorspronkelijk gepland voor het Wagner-jaar 2013 komt er niet. Zoveel werd al duidelijk voordat het eerste kabinet Rutte overging tot drastische cultuurbezuinigingen.

De draconische maatregelen van Zijlstra hebben echter veel grotere gevolgen dan het niet ten tonele kunnen brengen van een complete Ring: uitgerekend het laatste deel van de tetralogie luidt ook het afscheid in van vrijwel het gehele personeelsbestand.

Decorbouwers, grimeurs, het kostuumatelier en het merendeel van alle anderen op de achtergrond – voor allen is ontslag aangevraagd. Ook het vaak geprezen koor, een van de weinige professionele in Nederland, verdwijnt. Een kleine kern die als productiehuis zal gaan opereren resteert.

Toen de Reisopera aan het grootste avontuur uit haar bestaansgeschiedenis begon, kon het niet bevroeden hoe toepasselijk juist deze opera als slotstuk is. Want hoe donker en grimmig Götterdämmerung ook is – het in Das Rheingold al betwiste Walhalla gaat in vlammen op en alle goden komen aan hun einde – de slotmaten bieden hoop. Daar botsen immers het Siegfried-motief en het verlossingsmotief op elkaar, met als duidelijke winnaar het verlossingsmotief, met een belofte van een nieuwe wereld.

Hoe die nieuwe wereld er voor de Nationale Reisopera uit gaat zien? Ik ga het van zeer nabij volgen.

 

Nationale Reisopera: Richard Wagner – Götterdämmerung. Wilminktheater Enschede, 30 september, 3, 6, 9, 13, 16 oktober.