Rotterdam en mots prononcés hebben wat met elkaar. Donderdag 16 april, tijdens de openingsavond van Motel Mozaique in Theater Rotterdam, bleek dat weer eens. Niet dat de meest indrukwekkende performance nou per se Rotterdams was, want Asmae Amaddaou studeerde Writing for Performance in Utrecht. Ze maakt al een paar jaar indruk met haar fascinerende présence en onderkoelde humor. Ook deze donderdag kreeg ze de doorgaans nogal rumoerige betonnen foyer van de Rotterdamse schouwburg moeiteloos stil.
Tijdens deze ronde van Mensen Zeggen Dingen, dat al jaren een lanceerbasis is voor literair talent, was het vervolgens de beurt aan Tyler Koudijzer om met een krachtige roep om een plek waar iedereen zich thuis kan voelen een juichende ovatie over zich af te roepen.
Verkeerde vin
Dat gejuich klonk minder hard na de performance van Djuwa Mroivili, die met haar zelfgeschreven performance ‘Mx. CoelaCunt will live forever’ haar fascinerend fluide regards combineert met een muzikaal verhaal over een uitgestorven gewaande oervis die na haar ontdekking met de verkeerde vin uit haar grot is gestapt. Het met mijmerende muziek omgeven drama blijft helaas iets te veel in ideeën steken, maar de zangkwaliteiten van haar mannelijke tegenspeler maken veel goed.
Ik zag een try-out, dus het kan allemaal nog goed komen, zeker als in The Kitchen, waar het stuk werd opgevoerd, niet de drummers doorklinken vanuit de Grote Zaal.
Daar speelden de makers van de performance ‘Figures of Speech’, Femke Gyselinck, GRIP en Lander Gyselinck, zich warm. De première daarna toonde danswerk van zeven dansers tegen een achtergrond van vier drummers. De sensatie, die zo goed hoorbaar was in de try-out van Coelacunt, kwam in de zaal zelf helaas niet voorbij de voorste rijen.
Stampende arpeggiators
Hoe stevig de ritmes van achterop het toneel ook alle loszittende schroeven en panelen van het gebouw in beweging brachten, de dansers bleven steken in nogal keurig één stap per beat ritmisch bewegen. Voorkant en achterkant kwamen zo ook niet samen tot iets meer dan hard geluid en aarzelend bewegen in vaag licht.

Nee, dan de jongens van Weval. In de grote zaal lieten Harm Coolen en Marijn Scholte Albers horen en voelen hoe je dat wel doet. Met vloeiende beats en een overtuigende lichtshow deden ze de tijden van weleer herleven, in een modern jasje. Electro met analoge synths en digitale samplers, zoals die ooit als warming up in de Energiehal kon klinken met deinende LFO’s, rijzende filters en stampende arpeggiators: vanaf de eerste minuut stond de zaal te springen.
Ik kom te weinig in Rotterdam. Motel Mozaique doet me verlangen naar meer.




