Foto Mark Barton

Zou de anti-reclame van premier Rutte cum suis door kunst weg te zetten als bestemd voor linkse types en andere idioten al effect sorteren? Je zou het bijna denken als je de tamelijk slecht gevulde zalen ziet tijdens de voorstellingen op het Holland Festival. Er zitten meer dan tien mensen op de eerste rij, maar toch houdt het allemaal niet over. Ook bij The Select (The Sun Also Rises) van de Amerikaanse groep Elevator Repair Service was de oude zaal van de Amsterdamse Stadsschouwburg nogal leeg. Dat is raar, want de groep had de afgelopen edities van het festival toch een goede naam opgebouwd met hun opvoeringen van Amerikaanse literatuurklassiekers.

Eerst was dat de The Great Gatsby in de voorstelling Gatz, gevolgd door The Sound and the Fury. Kenmerk van hun voorstellingen is dat ze de tekst zo integraal mogelijk spelen en nauwelijks schrappen en toch proberen een theatrale vorm te vinden om de roman een extra laag te kunnen geven.

Dit jaar is de groep te zien met hun versie van The Sun Also Rises van Ernest Hemingway. De schrijver schetst daarin een groep Amerikaanse en Britse dertigers in Europa in het Interbellum. Ze hangen rond in cafés in Parijs, gaan vissen in de Pyreneeën en zuipen zich kapot tijdens de fiestas rond het stierenvechten in Pamplona. En ze vervelen zich. Stierlijk. Middelpunt van dit alles is feestbeest Brett, een hippe Britse Lady met teveel geld en teveel tijd die bij alle mannen die ze ontmoet een onuitwisbare indruk achterlaat. Daar maakt ze graag misbruik van, maar zegt zich toch de hele tijd ongelooflijk ongelukkig te voelen. Tussen romantiek en verveling ligt in haar geval een dunne lijn. Een en ander wordt afstandelijk en ironisch opgetekend door de ik-figuur, de journalist Jacob, Jake voor vrienden, die stiekem ook veel van Brett houdt.

In een bruine kroeg met een onmogelijke hoeveelheid drankflessen langs de wand – pars pro toto voor de ontelbare kroegen die de groep in en uit loopt – observeert Jake zijn vriendengroep en de verveling, de irritaties en de jaloezie die tot een uitbarsting komen tijdens de stierenfeesten in Pamplona. Zijn observaties deelt Jake als verteller met het publiek.

De afstandelijke, nuchtere taal van Hemingway klopt met de speelstijl van Jake (Mike Iveson), die vertelt met een hele lichte ironische droogheid. Het past bij het personage van Jake dat van alles vindt van de feesten en romances die zich onder zijn ogen afspelen, maar dat niet onder woorden wil of kan brengen. Zeker niet als het Brett betreft. Maar toch houdt die mening zich wel ergens schuil tussen zijn woorden en zijn observaties. Ondertussen rolt een bonte schakering aan personages over de cafévloer, waarbij vooral de geestige Amerikaanse taxidermist Bill (Ben Williams) de show steelt. Het is opvallend hoe zelfs de onbeduidendste rolletjes tot in de kleinste geestige details gestalte krijgen: een barman goochelt handig met zijn fles, een nichterige barbezoeker kleedt met zijn ogen de clientèle uit, terwijl hij parmantig met zijn sjaaltje zwaait.

De speelstijl mag dan vrij realistisch zijn – op zijn filmisch Amerikaans -, de groep laat weinig momenten onbenut om het publiek er vindingrijk op te wijzen dat we hier wel met theater te maken hebben. Geluidseffecten bij ingeschonken glazen of ontkurkte flessen worden dik aangezet. Caféstoelen kunnen net zo goed dienst doen als de achterbank van een taxi, een tafel is net zo goed een wilde stier als een hotelbed.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie. Die bijdrage komt ten goede aan de auteur, in dit geval Redactie. Zo kan Cultuurpers blijven bestaan!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen aan het werk van Redactie.

Het eerste deel werkt die vlotte vertelstijl, het geestige en handige gebruik van het cafémeubilair en de afstandelijk-realistische speelstijl. Maar na twee van de drie-en-een-half uur sleept de voorstelling zich steeds moeizamer van café naar café.

Het punt is dat Hemingway heel veel niet zegt, maar dat de echte betekenis onder de oppervlakte van zijn woorden ligt. Onder de verveeldheid en de slemppartijen sluimeren onderdrukte emoties, machismo, bot anti-semitisme en andersoortig explosief materiaal. Daarvan geeft de enscenering zich veel te weinig rekenschap, doordat de voorstelling zo keurig en braaf wordt gespeeld. Hemingway laat de climax niet voor niets plaatsvinden tijdens de kolkende, van masculiniteit en emoties druipende stierenfeesten. De Elevator Repair Service verbeeldt die dampende feesten met een keurig dansje en een koddig stierengevechtje met een als tafel verkleedde stier. Als de jarenlang getreiterde verlegen joodse Cohn eindelijk eens met zijn vuisten uithaalt, verwordt dat door de geluidseffecten tot flauwe slapstick. Door die braafheid mist de regie de rauwe emotie die eronder schuil gaat totaal en gaat de echte waardevolle tragiek van The Sun Also Rises verloren. Waarmee weer eens bewezen is dat niet alle boeken zich op zijn Amerikaans laten theatraliseren. En dat onderbuikgevoelens zich meestal juist achter de woorden schuilhouden. Maar dat weten Rutte cum suis allang. Daarvoor hoeven ze niet naar het Holland Festival.

5 REACTIES

  1. helemaal mee eens.. Vind dat je nog mild bent want heb me ook de eerste 1,5 uur al mateloos geirriteerd. SOund effects bij wijn inschenken zijn 1x leuk maar de 8e keer gaat het gewoon irriteren.. Idem voor het autogeluid bij in de taxi zitten:)

Comments are closed.