Kijken met je oren

Is dit een voorstelling om naar te kijken of om naar te luisteren? Deze vraag kan in je opkomen bij ‘Clubbing’ van choreografe Keren Levi en musicus Tom Parkinson. Zijn de dansbewegingen de hoofdzaak of de geluiden die de club van zes vrouwen voortbrengt?

Scène uit 'Clubbing' van Keren Levi en Tom Parkinson
Foto: Anna van Kooij

Een danseres/performer opent een koffer en richt een ‘geluidenkeuken’ in.

 Een knakkende selderijsteel, een bak rijst, een opengehakte meloen: allemaal zijn ze geschikt om geluiden mee te maken. Rechts loopt een vrouw over het toneel, links in de geluidenkeuken wordt met een stamper en een bak rijst het geluid nagebootst van voetstappen op een grintpad. Geluiden en handelingen. Horen ze bij elkaar, of toch niet? Voordat je het weet, speel je ermee, breng je in gedachten geluid en beweging bij elkaar, of juist niet.

De cello spreekt

Een vrouw spreekt door een microfoon. Naast haar tikt iemand haar woorden simultaan op een typmachine. Wie spreekt er nu, de vrouw of de machine, denk je even? Of is het getik muzikale begeleiding? En dan is er de cello spelende vrouw, die op één toon het ritme aanstrijkt waarmee de vrouw de woorden uitspreekt.

Je beseft hoeveel muziek iemand voortbrengt die staat te praten. Je hoort vaak de mening dat een cello het instrument is dat het dichtst bij de menselijke stem ligt. Dat klopt hier. De cello is aan het woord, is aan het praten, heeft een stem. Valt er ook wat te verstaan? Nee. Iets in betekenissen vatten staat ver van deze voorstelling.

Scènefoto uit 'Clubbing' van Keren Levi en Tom Parkinson
Foto: Anna van Kooij

Uitgekiend spel

De vrouwen houden stokgevechten. Een beetje Japans ziet het eruit. Maar krijgshaftig is het niet. Niemand hoeft te winnen. Het is een gevecht, maar ook een dans. En het getik is niet alleen getik. Het is ook muziek.

Keren Levi brengt vaak iets spelachtigs in haar choreografieën. Het werkt ontwapenend en ziet er losjes uit, maar de bewegingen zitten altijd vernuftig in elkaar. Dat is nu ook zo met de stokken. Langs uitgekiende lijnen raken ze elkaar telkens weer.

Voor je verder leest...

Blij met dit verhaal? Klik dan op 'like' en maak Facebook rijk.

Of:


Klik op 'lid worden' en maak Cultuurpers sterk.

Er is ook dans die doet denken aan Ierse folklore, maar dan zonder dat de vrouwen met rap voetenwerk proberen te imponeren. Het is een spel, goedmoedig en vredig.

Scène uit 'Clubbing' van Keren Levi en Tom Parkinson
Foto: Anna van Kooij

Kijk met je oren!

De klanken en geluiden worden verspreid over het toneel gemaakt. Door dat allemaal te bekijken krijg je soms het gevoel de draad kwijt te raken. Op zo’n moment kun je je ogen dichtdoen en het opvallende is dat de klanken dan in je hoofd meer eenheid vormen dan wanneer je naar het toneel kijkt. 

Het is dan echt muziek, wonderlijke muziek, met klankeffecten die misschien wel nog nooit in muziek geklonken hebben.

‘Clubbing’ is een spel met ingehouden spanning

Het duurt vrij lang voordat er spanning komt. De gemoedelijkheid, het conflictloze, het clubgevoel is dan ook geen gemakkelijk uitgangspunt om de spanning op te schroeven. Toch komt er een climax, als de grote trom gehanteerd wordt. De dans wordt gedrevener. Er lijkt ineens iets te zijn waar haast mee moet worden gemaakt. Maar de spanning blijft ingehouden.

Hoe belangrijk is spanning in ‘Clubbing’? Als je spannend definieert als meeslepend, een opgewonden lading in je teweegbrengend: dat is niet wat in ‘Clubbing’ gebeurt. Het gaat hier om een welkom in een ongewone wereld van vrijheid en fantasie.

Geef je actief over

‘Clubbing’ is geen voorstelling die naar je toe komt. Je moet er actief iets mee doen, bewust bezig zijn met kijken en luisteren, meegaan in het clubgevoel. Dat klinkt als een drempel, maar die hoeft er niet te zijn. De lichte sfeer is aangenaam. Je zoekt je weg en krijgt een prettige verdwaalde gewaarwording als je je aan het eind in een surrealistische noordpoolachtige scène bevindt met een vreemde, verlegen dialoog. Waar komen die stemmen vandaan?

Speelijst