Omdat het recordmooi weer was wandelde ik zondag 17 februari 2019 van Amsterdam Centraal naar Theater Bellevue. Ik zou de voorstelling ‘En dus zal ik weer gaan.’ gaan zien, van Ilay den Boer, iemand die ik vroeger intensief volgde, maar sinds ik geen betaald meningverkoper meer ben, uit het oog was verloren. De titel van de voorstelling beschouwde ik als een oproep tot een goed voornemen. Daarom was ik weer gegaan.

Toen gebeurde er iets. Ergens op De Singel zag ik hem al van ver aankomen, tussen de groepen toeristen, en hij had mij ook al gespot, als kennelijk aanspreekbaar. Ik was in een zonnig humeur, maar gehaast, en ik wilde de man met het Lex Goudsmit-uiterlijk niet direct afwijzen. Op zijn vraag of hij mij wat mocht vragen, zei ik daarom ‘ja’. Direct daarna zei hij: ‘Ik ben dakloos en…’ . Het chagrijn sloeg toe. Ik beende weg met de woorden ‘ik ook.’ Waarop hij zei: ‘ik hoop het niet voor u.’ Hij klonk oprecht verbaasd.