Hoe intiem kan een choreografie zijn? – Conny Janssen Danst jubileert met een expositie in de Kunsthal

Scènefoto 'Inside Out', Conny Janssen Danst. Foto: Leo van Velzen

Conny Janssen Danst bestaat 25 jaar. Ter gelegenheid hiervan is de Kunsthal in Rotterdam drie weken lang podium en laboratorium voor Conny Janssen, haar dansers en haar team. Een video-installatie, performance, live repetities en een tentoonstelling geven een beeld van het punt waarop de groep op haar ontwikkelingsreis is aangeland.

Conny Janssen – foto Maarten Baanders

Onorthodox

,,Mijn start met de groep 25 jaar geleden was onorthodox”, vertelt Conny Janssen. ,, Als danseres was ik gewend in grote zalen en in grote groepen te dansen. Dus was het, toen ik met mijn eigen gezelschap begon, voor mij de natuurlijke weg dat ik ook voor de grote zaal en voor een grote groep dansers choreografeerde. Dat is niet gebruikelijk voor beginnende choreografen. Onderzoek doen in de luwte: dat is wat de meesten in het begin doen. Bij mij kwam zo’n onderzoekende houding pas later op.”

Uitbreken

,,Mijn werkwijze was toen heel anders dan nu. Ik bedacht alle bewegingen van tevoren. Daarmee ging ik de studio in om ze met de dansers in te studeren. Dat patroon had ik toen nodig. Het was mijn houvast. Maar in de loop van de jaren voelde ik hoe langer hoe meer dat ik bleef vastzitten in wat ik had voorbereid. Ik wilde daar uitbreken.”

Avondvullend

Nog een andere ontwikkeling had tijd nodig om in Conny Janssen op gang te komen. Haar eerste programma’s bestonden uit drie losse choreografieën op één avond. Ze stonden ieder op zichzelf. Later werden het twee voorstellingen op één avond, waar enige samenhang in begon te groeien. Pas in 1996 maakte Janssen haar eerste avondvullende voorstelling: Welk een eer voor het vaderland te mogen sterven.

,,Dat was een locatievoorstelling in een loods op de Mullerpier in Rotterdam. Heel spectaculair. De dansers stonden op olievaten en hingen aan touwen. We schakelden abseilende stuntmannen in en lieten grote zandzakken van het dak vallen.”

Vast team

Zo ontdekte Janssen de rijkdom aan mogelijkheden die binnen haar bereik kwamen door samen te werken met mensen van buiten de danswereld. De eerste schreden werden gezet naar het vormen van een vast team. Thomas Rupert, decorontwerper, was de eerste met wie Janssen een samenwerking aanging. Lichtontwerper Reinier Tweebeeke (1952 – 2013) volgde. En ze trok een dramaturg aan, wat toen voor een choreograaf ongewoon was.

Foto: Leo van Velzen

Inmiddels is het een hecht team geworden. Met Thomas Rupert, met Judith Wendel als dramaturge, met lichtontwerper Remco van Wely en kostuumontwerpster Babette van den Berg. ,,Voordat we een voorstelling maken, praten we over de thematiek. Thomas, Judith en ik zijn de aanjagers. We voeren een artistieke dialoog en scheppen een omgeving waarop ik met dans kan reageren. Die omgeving kan heel dwingend zijn. Bij de voorstelling Zout lag de dansvloer bezaaid met witte proppen papier, en bij Inside Out stonden de dansers opgesloten tussen een woud van rode hangende touwen.”

Inspiratie zoeken

,,Zo’n artistieke dialoog is niet alleen interessant omdat we zo tot ideeën komen, het scherpt ook onze visie. En juist dat maakt dat we met het team interessante wegen ontdekken. Dat we nieuwe inspiratie zoeken. Ik heb grote behoefte aan dingen die me alert houden. Die komen vooral naar je toe als je met anderen in overleg bent. Met musici heb ik eenzelfde manier van werken: samen zoekend, elkaar beïnvloedend. Het is een bijna simultaan scheppingsproces in de repetitieruimte, via improvisaties en opdrachten.”

Helemaal blanco begint Janssen de artistieke dialoog met het team niet. Waar ze ook komt, buiten de dansstudio, speurt ze naar materiaal dat een plaats kan krijgen in haar werk. ,,Ik neem overal beelden, ideeën en inspiratie in me op. Zo zorg ik ervoor dat ik met veel bagage het creatieve proces inga.”

Onbewuste associaties

,,In feite haal ik inspiratie uit alles in mijn leven. Wat ik meemaak, wat ik dagelijks hoor en zie van de wereld om me heen, maar ook fotografie, muziek, films. Telkens stel ik mezelf de vraag: wat valt me op? Ik haal onbewuste associaties naar boven. Zo verzamel ik een rugzak vol informatie, ideeën en energie. Die wil ik met de dansers delen, in plaats van hen van tevoren bedachte bewegingen te laten maken. Zoals ik nu werk is het een gezamenlijke reis, een proces met allen met wie ik samenwerk. Wat we creëren vindt puur in de studio plaats, niet van tevoren in mijn hoofd.”

“In de huidige wereld is ‘sense of belonging’ iets wat je moet zoeken. Door de nieuwe media, het verlies van geloof, de migratiestromen, is de samenleving zo groot en fluïde geworden, dat verbondenheid niet meer vanzelfsprekend is. In Home wilde ik het hebben over de kwetsbaarheid van deze tijd: het gevoel van verlorenheid dat er leeft.”

Roy Andersson

,,In de voorbereiding hebben de films van Roy Andersson, regisseur van onder andere Songs of the Second Floor ons bijzonder geïnspireerd. Alles wat je in zijn films ziet is tot in het kleinste detail geënsceneerd. Hoe hij scènes opbouwt, de tijd rekt, individuen en groepen plaatst in een ruimte. De fysieke theatraliteit van zijn werk vind ik enorm fascinerend. Je voelt in zijn films dat de mensen eenlingen zijn zonder onderlinge verbondenheid. Maar door de vorm, door de montage worden het toch verhalen die op een of andere manier aan elkaar gekoppeld zijn.”

,,Om zo’n thema tot een creatieve inspiratiebron te maken, ging ik op zoek naar mijn persoonlijke reactie erop. Ik dacht aan het begrip ‘thuis’. Wat betekent dat woord? Voor mij is thuis: de ander, herinneringen, met elkaar zijn. Veel mensen hebben geen thuis. Dit is een groot verhaal dat in de moderne wereld speelt. Ik ga op zoek naar de vraag hoe dat verhaal bij mij en bij anderen terechtkomt. Hoe het onze omgang met elkaar beïnvloedt.”

De ander

,,Hoe ik mezelf tot de wereld verhoud heeft in de 25-jarige reis met Conny Janssen Danst een steeds urgenter plaats gekregen. Dat besef groeit met het ouder worden. Een centrale gedachte voor mij is: we zijn wie we zijn met, door, dankzij en ondanks de ander.”

Voor je verder leest...

Blij met dit verhaal? Klik dan op 'like' en maak Facebook rijk.

Of:


Klik op 'lid worden' en maak Cultuurpers sterk.

,,De expositie in de Kunsthal is voor mij weer een nieuwe vorm van samenwerking. Drie weken lang kunnen we ideeën uitwerken in een museum. Een unieke kans voor een nieuwe etappe in de artistieke reis van het gezelschap!”

Intimiteit

,,Een thema dat me al lang bezighoudt is ‘nabijheid’. Hoe krijg je intimiteit in de ontmoeting tussen dansers en publiek? Hoe dicht kunnen dansers en publiek bij elkaar komen? Al eerder hebben we met deze vraag geëxperimenteerd. We lieten bij de voorstelling Courage in de Ferro het publiek rondom de dansvloer zitten. Maar nu gaan we een stap verder. Het was het idee van Thomas Rupert om een video-installatie te ontwikkelen geïnspireerd op de openingsscène van de choreografie Inside Out.”

“In een black box zie je de dansers levensgroot geprojecteerd op negen schermen. Het publiek dwaalt tussen deze schermen. Dat is dus een heel ander uitgangspunt dan wanneer je van buitenaf naar een voorstelling kijkt. Mensen die de black box inlopen worden onderdeel van het ensemble, staan oog in oog met de dansers. Ze bevinden zich als het ware ín de choreografie. Om nog dichter bij de dansers en de dans te komen hebben we de geluidsopnames zo gemaakt dat je het ruisen van de rokken en het ademen van de dansers in al zijn zuiverheid hoort.”

Foto: Leo van Velzen

Dansen zonder de ander te kunnen zien

,,Het was een enorm werk om de video te maken. Elke danser moest apart worden gefilmd. Hij of zij moest exact hetzelfde doen als de andere dansers, maar zonder elkaar te kunnen zien. Dus hebben we gewerkt met een click track. Later maakten we de opnamen opnieuw om de live geluiden vast te leggen. Vervolgens zijn al deze aparte videobeelden bij elkaar gebracht in een film van 12,5 minuten. Op het ritme van de montage hebben de muzikanten iET en Budy Mokoginta een soundtrack gecomponeerd. Het is een spannend project. Bij elke stap werd ik benieuwder naar het eindresultaat en dacht ik: hoe ga ik het ervaren?”

De filmopnames zijn gemaakt door Davide Bellotta. Hij is een van de dansers en ontwikkelt zich daarnaast als filmmaker. Conny Janssen noemt het fantastisch zoveel artistieke potentie in de groep te hebben. Davide danst zelf mee in de voorstelling. Hij kent de dans, weet precies hoe hij die moet opnemen.

Een vlieg op de muur

,,Ik zou ontzettend graag naar de mensen willen kijken als ze in de installatie dwalen. Ik zou er als een vlieg op de muur bij willen zijn. Een voorstelling in het theater begint op een bepaald, afgesproken tijdstip. Dan heb je publiek, dansers, muziek. Je beleeft in dat geconcentreerde moment gezamenlijk het verhaal. De installatie heeft een heel ander uitgangspunt. Het is een individuele beleving. De beelden draaien continu. Je bepaalt zelf wanneer je naar binnen gaat en hoe lang je blijft. Je hebt een persoonlijke relatie met wat er om je heen gebeurt. Ik vind het enorm spannend om te onderzoeken wat dat betekent”.

In een andere ruimte van de Kunsthal is het decor van de voorstelling Home opgesteld, een grote ruimte met witte wanden. Elke ochtend is hierin een performance te zien. Ook dit is een experiment. ,,In die ruimte dwaalt een van de danseressen. Dansen doet ze niet. Ze is er aanwezig. Ze bewoont het decor, blaast het met haar aanwezigheid leven in. Eigenlijk is het niet meer dan dat: er zijn.

Foto: Leo van Velzen

Een boterham eten

,,In die witte ruimte bevinden zich een bed, een wasbak, een hoger gesitueerd kamertje en een deuropening. Het personage kan op het bed gaan liggen, een boterham eten, een boek lezen: alles wat op het moment voor haar past in die ruimte. Wat ze niet zal doen is achter een computer gaan zitten. Als ze dat deed, zou ze dingen van buiten naar binnen halen. Terwijl het juist gaat om het zijn binnen het decor.”

,,Ik bereid het voor met de danseressen die dit gaan doen, niet door alles per minuut te regisseren, maar door met ze in gesprek te gaan. Ik laat ze voelen hoe het is om in die ruimte te zijn. Zo geef ik ze de energie waarmee ze de performance ingaan. Ik hoop dat mensen de tijd nemen om te kijken, echt te kijken. Dan pas zie je de details, de menselijkheid, het unieke individu in al zijn complexiteit. En dan zal er zoveel te zien zijn. Ik ben daar zelf ontzettend benieuwd naar.”

Live repetities

‘s Middags vinden in het decor van Home live repetities plaats met dansers van Conny Janssen Danst en jonge makers. Janssen laat hiermee iets zien van de activiteiten van Conny Janssen Danst om jonge choreografen op weg te helpen. En tegelijk krijgen bezoekers de kans het creatieve proces van binnenuit te ervaren.

En dan zijn er nog foto’s, trailers en de documentaire Blanco. Deze laatste is een portret van Conny Janssen, gemaakt door filmmaker Sonia Herman Dolz. ,,Ze kijkt over mijn schouder mee als ik met een danser aan het werk ga, vanaf het begin van het maakproces. Het is alsof ze in mijn hoofd kruipt.”

Goed om te weten

Conny Janssen Danst 25, tentoonstelling Kunsthal Rotterdam.
9 sept. t/m 1 okt. 2017

Scènefoto’s: Leo van Velzen