Meteen naar de inhoud

Louise LeCavaliers Stations is een dialoog met de ruimte en de grenzen van het lichaam

Bepaal zelf de waarde!

We bieden je dit verhaal gratis aan. Om dat te kunnen doen hebben we jouw steun nodig.
Lees het verhaal, bepaal zelf onderaan wat dit verhaal je waard is. En doneer. Zo blijft deze site bestaan.


De verwachtingen zijn hooggespannen voor Stations, het laatste werk van danseres en choreograaf Louise Lecavalier. Ze is al decennia een begrip in de danswereld, eerst als danseres en muze van Edouard Lockes La La La Human Steps, en sinds 2006 met haar eigen Fou Glorieux. Haar intensiteit en atletische vermogens zijn indrukwekkend, ze tergt de grenzen van haar lichaam. Ook nu ze 63 jaar is. Kan ze zich nog verder ontwikkelen, of gaan we een herhaling van zetten – hoe aantrekkelijk ook – zien?

In vier delen verkent ze de ruimte en de dans. Het licht is haar enige decor, de delen hebben hun eigen kleur en gevoel, waarbij de patronen die de lampen op de vloer maken de sfeer benadrukken. Bij een deel is de vloer rustig en geometrisch, bij een ander deel maken de lampen zebra- of tijgerstrepen.

Haar kostuum is simpel, een zwart strak pak met uitlopende pijpen. Slim, want daardoor zie je je haar vliegensvlugge voetbewegingen niet goed en lijkt ze over het podium te schuiven in strakke banen.
Haar armbewegingen zijn afwisselend heel klein met razendsnelle wapperende handjes, of heel weids. De tussengebieden interesseren haar niet zo. Dat geldt ook voor het tempo: ze gaat heel snel of heel langzaam, geen middenweg. Meestal gaat ze heel snel, en dat dus al ruim veertig jaar.

Stations als artistiek onderzoek

In Stations doet ze onderzoek naar wat dans is. Hoe verhoudt het lichaam zich tot de ruimte? Hoe tot de muziek? De gejaagde saxofoon van Colin Stetson is de gedroomde score voor het controle stadium. Snel en opzwepend, waarbij LeCavalier het podium bijna aanvalt met haar bewegingen. In haar eigen werk heeft ze een taal ontwikkeld die uniek is voor haar en voor haar lijf. Haar snelle voetbewegingen waarmee ze in strakke banen het podium over glijdt, haar extreme balans. Zij kan, op een been voortbewegend, het andere been in een 90 graden hoek, subtiele armbewegingen maken. Toch wordt het geen kunstje waarin ze laat zien wat ze kan, het staat in dienst van de dans.

Haar armen lijken ons soms naar binnen te lokken. Ze nodigen je uit in haar ziel om abrupt over te gaan in snelle zwaaiende handbewegingen. Je mag in mijn zijn kijken, maar tot hier en niet verder. LeCavalier heeft de regie stevig in handen. De kwetsbare, open momenten zijn heel ontroerend. Juist het persoonlijke in haar spervuur van brute kracht en controle maakt dit werk krachtig en vernieuwend binnen haar oeuvre. Zelf zegt ze daarover dat ze eerder de behoefte voelde om te vliegen, nu om te landen. En die landingen betrekken de toeschouwer bij haar choreografie.

De vier stadia van dans

Vloeibaarheid, controle, meditatie en obsessie, de vier stadia van het lichaam in dans. Iedere vezel van haar gespierde lijf is erbij, geen seconde van laten gaan in de performance van een uur. Goed, ze ligt even op de grond, maar ook dan staat ze aan. Ze is soms leeuwin, soms een prooidier. Ze manoeuvreert moeiteloos van kracht naar kwetsbaarheid. Het laatste deel, Obsession, begint met een onmogelijke diepe achterover buiging waardoor ze ondersteboven naar de zaal kijkt. Het heeft een vervreemdend effect om haar hele gezicht (zo diep buigt ze) zo te zien, terwijl ze zachte armbewegingen maakt.

De muziek is van Teho Teardo en Blixa Bargeld, de tekst is heftig. Blixa zingt dat hij niet in het blauw kan zingen, want dat zou de oceanen leegtrekken; niet in het groen, want dan zouden de bossen sterven’ niet in het rood want dat zou een bloedbad worden. Hij kan alleen maar in het zwart zingen. De zwaarte van de tekst geeft een emotionele intensiteit die Lecavalier pareert met haar intense ondersteboven blik.

Stations laat ons de danseres zien die we zo goed kennen en waar we van houden. Maar ze heeft een emotionele diepgang en een persoonlijke laag aangeboord die nieuw zijn in haar werk. Ze kan zich dus, ook na vier decennia, nog ontwikkelen en vernieuwen. Ik weet weer waarom ze mijn heldin is.

Waardeer dit verhaal!

Laat ons weten wat dit werk je waard is!
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Helen Westerik

Helen Westerik is filmhistorica en groot liefhebber van experimentele films. Ze doceert filmgeschiedenis en doet onderzoek naar het lichaam in de kunst.Bekijk alle berichten van deze auteur