Foto: VA Wölfl

Holland Festival, Julidans, IT’s, Over ‘t IJ. Einde seizoen wordt er altijd een bak theater over Amsterdam uitgestrooid. Het internationale performance aanbod migreert tussen april en september van Utrecht (Springdance en Festival aan de Werf) via Amsterdam naar Rotterdam (Internationale Keuze). Wil je iets van de hedendaagse, internationale dans meekrijgen, dan moet je bij Springdance, HF en Julidans zijn. [Voor HF en Springdance, zie dedodo.nl] Julidans toonde dit jaar opvallend veel conceptueel werk, naast de gebruikelijke grote danstheaterproducties en het kleinere werk op uiteenlopende locaties als Bellevue, De Melkweg, Paradiso, het Vondelpark, Podium Mozaïek en het Bijlmerparktheater.

Met provocatie, humor, maatschappelijke thema’s en spectaculaire beeldtaal weet Julidans al jaren een heel divers publiek van buurtbewoners en passanten, kenners en liefhebbers te bereiken. De zalen zijn niet bepaald gevuld met louter incrowd-danspubliek. Het is maar zeer de vraag of deze aanpak de aanstaande bezuinigingen zal overleven.

Beelden met een hoofdletter B kenmerkten de opening en het slot van Julidans 2011. In “Ich sah: Das Lamm auf dem Berg Zion, Offb. 14,1” voert VA Wölfl/Neuer Tanz gewapende figuren op in een quasi-museale omgeving. De zwarte doos van het theater was omgebouwd naar een witte expo-variant, zeer bevorderlijk voor de licht- en beeldkwaliteit. Maar de scènes ontwikkelden zich mondjesmaat en tergend langzaam werd gaandeweg gewoon saai. Maguy Marin daarentegen overspoelde haar publiek met minstens zo precies gecomponeerde beelden en scenes, alleen dan in een moordend tempo en dito hoeveelheid. “Salves” is op een positievere manier overweldigend. Toch zou het bij alle verwijzingen naar Duitse dans- en theatergrootheden (Bausch, Brecht, Wagner) niet hebben misstaan als er wat meer diepgang in het stuk was gebracht. “Salves” blijft steken bij de naïeve constatering dat de naargeestige loop van de geschiedenis zich herhaalt.

Is het dan onmogelijk om met poëische beelden grote thema’s aan te snijden? Het vrouwenduet “Gustavia”, een internationale hit geboren uit de samenwerking tussen de Spaanse performance kunstenaar La Ribot en de Franse choreograaf Mathilde Monnier, toont aan dat dat weldegelijk kan. Speculerend op de onhebbelijkheden van de clown, stellen de dames het theatervak, hun vrouwelijkheid, de dood, het ongeluk en de wil er iets van te maken, ter discussie. Hier geen overdonderende beelden maar subtiele transformaties. Geen grote aanklacht maar zelfrelativering. Knowhow in de plaats van bakken techniek. De dames speelden, heel toepasselijk voor een stel clowns tegen wil en dank, voor een half lege schouwburgzaal, en dat ging hen bijzonder goed af.

Publieksaantallen zeggen lang niet alles. Dat bleek ook tijdens de wereldpremière van Wim Vandekeybus. Zijn bewerking van Oidipus Rex op een tekst van Jan Decorte trok volle zalen en na afloop ging het publiek op de stoelen staan. Maar de voorstelling was een aaneenschakeling van voorspelbare en zelfs pathetische gestes. Michel Fugain meets Ruigoord, leve de oervlaamse zin voor feest en bonje, maar laat Oidipus daar dan buiten.

Voor je verder leest...

Inmiddels zijn al bijna 300 mensen met een hart voor kunst lid. We groeien snel! Alleen dankzij onze leden kunnen we dit soort verhalen blijven vertellen.

Word ook lid, door HIER te klikken!

Dat tekst en dans ook heel goed samen gaan, bleek uit twee kleinere, conceptuele voorstellingen in het programma. In “Dance for Nothing” verdeelt Eszter Salamon 43 minuten lang haar aandacht over twee zaken: de tekst van een ander en de bewegingen van haar zelf. “Lecture about nothing” is een beroemde lezing van John Cage uit 1947. Met gevoel voor humor en understatement zoekt Cage naar momenten waar iets niets wordt. De danseres op de vloer kan echter niets anders doen dan in een enkele lijn van niets naar iets gaan. Salamon spreekt de tekst en componeert onderwijl al dansend voor onze ogen. Steeds zoekt zij contact met het publiek. Het wederzijds gadeslaan, het spreken en luisteren, het bewegen en stil daarom heen zitten, levert een wonderbaarlijke, zij het gespleten concentratie op. De vragen van Cage over wat nu eigenlijk de basis is van een geslaagde compositie, in kunst en leven, worden door Salamon in “Dance for Nothing” op een buitengewoon intieme en integere manier tastbaar gemaakt.

Ook Daniel Linehan, vergeleken met Salamon nog maar een beginner, combineerde tekst en dans. Hij toonde in De Melkweg zijn derde werk, “Zombie Aporia”, dat een vrolijke aaneenschakeling is van scènes die vragen stellen over wat dans nu eigenlijk doet. Reële vragen over representatie, de relatie met muziek, het hier en nu van de beweging, hip zijn met politiek correcte thema’s, de vergangkelijkheid van menselijke driften en de verdomde neiging om overal betekenis te zoeken, passeren de revue. “Zombie Aporia” is een intelligent en ontroerend werk, juist ook omdat het grote thema’s op ongekunstelde wijze over het voetlicht slingert.

Elke ochtend ons nieuws in je mailbox?

Wanneer je lid wordt kun je elke dag een update in de mail krijgen, met onze laatste berichten.

Word ook lid, door HIER te klikken!


Al lid? Login

En dat is, behalve het bereiken van een breder publiek, ook de kracht van de programmering van Julidans: beeldenstormers en grote gebaren gaan er samen met minder pretentieuze, meer fijngevoelige hoogstandjes.

Vorig artikelWillen we top entertainment of toch tragiek op de Parade?
Volgend artikelAls de kinderen lachen en de ouders huilen, is de voorstelling geslaagd
Avatar
Fransien van der Putt is dramaturg en criticus. Zij werkt o.a. met Lana Coporda, Vera Sofia Mota, Roberto de Jonge, João Dinis Pinho & Julia Barrios de la Mora en Branka Zgonjanin. Zij schrijft over dans en theater voor Cultureel Persbureau, Theaterkrant en Dansmagazine. Tussen 1989 en 2001 mixte zij tekst als geluid bij Radio 100. Tussen 2011 en 2015 ontwikkelde zij een minor voor de BA Dance, Artez, Arnhem – over artistieke processen en eigen onderzoek in dans. Binnen haar werk heeft zij speciale aandacht voor de betekenis van archieven, notatie, discours en theatergeschiedenis in relatie tot dans in Nederland. Samen met Vera Sofia Mota onderzoekt zij in opdracht van www.li-ma.nl het werk van video-, installatie- en peformance- kunstenaar Nan Hoover.