Boulevard laat voelen wat witte ballen veroorzaken. #tfboulevard

Witte balletjes zijn nogal in het nieuws, de laatste tijd. Ze molesteren bijvoorbeeld  landgenoten als vakantiebesteding. Of ze roepen ‘Snollebollekes‘ naar een zwarte kampioene. Dat witte balletjes ook fijn kunnen zijn, is dus nieuws. Je kunt het meemaken op Festival Boulevard, waar in een kleine, smalle tent duizenden witte piepschuimen balletjes, aangejaagd door enorme ventilatoren, je een fijne massagedouche geven, terwijl ze aan alle kanten om je heen dansen. 

Volgens de makers is het een ‘sensorische en overweldigende beleving, die je uitnodigt om jouw eigen plek in een eindeloosheid van chaos te verkennen.’ Het heet White Noise en het maakt inderdaad een enorme bak herrie. In zes minuten sta je gelouterd weer buiten.

Likeminds

Beste lezer: Donaties zijn nodig!
Je leest dit verhaal gratis. Dat kan dankzij donaties van lezers. Zo blijven we onafhankelijk van subsidies en grote sponsors. Je kunt zelf bepalen wat dit verhaal je waard is. Je bijdrage komt rechtstreeks bij de auteur terecht!
Ondersteun deze auteur!

Doneer aan deze auteur

We maken je donatie rechtstreeks aan de auteur over.
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Dat was, deze zaterdag in Den Bosch, voorlopig even het laatste goede nieuws over witte balletjes, want de twee voorstellingen die op mijn programma stonden lieten vooral zien hoe onmogelijk het voor zwarte mensen nog steeds is om in een witteballenwereld voor vol aan te worden gezien.

Amro Kasr van Likeminds vertelt je in een krap half uur over de zwarte operazanger Roland Hayes, die begin vorige eeuw harten veroverde met zijn stem, maar haat oogstte met zijn huidskleur. Omdat het 100 jaar geleden speelt, zou je kunnen denken dat het iets is dat we ver achter ons gelaten hebben. Maar helaas zijn de apen- en oerwoudgeluiden die hem destijds in Berlijn ten deel vielen nog niet verstomd. 

Wit wantrouwen

Hoe dat werkt, maakte het fenomenale danswerk ‘Born To Protest’ duidelijk. Het stuk dat choreograaf Joseph Toonga maakte met zwarte dansers maakt voelbaar hoe ieder plezier van zwarte jongeren in de kiem wordt gesmoord door wit wantrouwen. Want het begint met een waanzinnig hiphop-feest. Die dans is gepassioneerd, maar mensen kunnen dat aanzien voor agressie. En dan zet een vicieuze cirkel zich in beweging.

Armen gaan de lucht in, handen vouwen zich tot pistolen. Opzwepende muziek maakt plaats voor angstaanjagende oerwoudgeluiden,dezelfde die die operazanger ten deel vielen in het Berlijn van de roaring twenties, of die klinken bij een gemiste penalty in de voetbalarena van 2021.

Harde bubbel

Het stuk, een vervolg op Born to Manifest dat ook in dit festival is te zien, speelt tussen de kale betonnen wanden van een non-descript schoolplein ten noorden van het station van Den Bosch. Wij, de witte boulevardbezoekers, werden even een met dat harde genadeloze beton. Het verdriet van de dansers weerkaatste tegen ons even hard als tegen het beton. Het maakt je bewust van je kleur, hoe graag je ook zou willen dat die op zo’n festival, midden in een tamelijk linkse bubbel, geen rol speelt.

Er is nog een hoop werk te doen. Voorlopig hebben we dans om ons te laten voelen hoe dat zou kunnen zijn: begrip. Joseph Toonga opent aan het eind van Born To Protest een klein venstertje naar een betere toekomst. Volgens hem ligt die in de handen van vrouwen. In de podcast die ik met hem maakte vertelt hij daarover. 

O, ja: Je hoeft geen lid te zijn om dit te kunnen lezen. We hebben wel leden nodig om dit te kunnen schrijven. Word daarom nu lid.

Foto bovenaan:
Scenebeeld. Foto: Karin Jonkers

Laat je waardering voor dit verhaal blijken.

We maken je donatie rechtstreeks aan de auteur over.
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Over de auteur van dit verhaal:

Wijbrand Schaap

Cultuurpers heet het geesteskind dat ik in 2009 op de wereld zette. Voor ik dat deed was ik (sinds 1996) kunstverslaggever voor onder meer Algemeen Dagblad, Utrechts Nieuwsblad, Rotterdams Dagblad en GPD. Daarvoor deed ik van alles. Studeren enzo. Theater maken. Inspraakavonden notuleren. In een bandje spelen. Ik schreef - en schrijf ook voor specialistische bladen als TM, Boekman, Ons Erfdeel en De Vogelvrije Fietser. Ik help je met schrijven als je het heel lief vraagt. Ik ben getrouwd met Suzanne Brink en heb een kat die Edje heet, een pup die Fonzie heet en een hond die genoemd is naar Rufus Wainwright.