Wat een feestelijke openingsfilm was dat! De keuze van het Nederlands Filmfestival voor Nono, het zigzag kind had natuurlijk te maken met het feit dat de Nederlandse familiefilm dit jaar speciaal in de festivalschijnwerpers wordt geplaatst. Maar ook los van dat thema was het een niet te versmaden aftrap.

Thomas Simon in Nono, het zigzag kind

Want we mogen dan graag mopperen dat het weer niet is gelukt om een Nederlandse film in de competitie van Cannes te krijgen, op het gebied van jeugd- en familiefilm kunnen onze filmmakers zich gemakkelijk meten met pakweg de Scandinavische collega’s, die op dit gebied lang toonaangevend waren. Zie bijvoorbeeld Kauwboy, op dit moment onze Oscarinzending en eerder dit jaar in Berlijn bekroond als beste jeugdfilm en beste debuut. En de verrukkelijke Annie M.G. Schmidt-verfilming Minoes van Vincent Bal (toegegeven, hij komt uit België) heeft zo stilletjes aan wereldwijd publiek gevonden.

Toevallig, of juist niet, is Vincent Bal ook de regisseur van Nono, het zigzag kind, naar het boek van de Israëlische schrijver David Grossman. Thomas Simon debuteert hierin als de dertienjarige Nono, die aan de vooravond van zijn bar mitswa ontsnapt aan zijn strenge vader (de beste politieinspecteur ter wereld) om met een meester-inbreker naar de Franse Rivièra te reizen.

Waar deze roadmovie in het begin nog een beetje oogt als een wat gekunsteld avontuur, daar weet Bal de belevenissen van Nono al snel een vanzelfsprekende flair te geven die zich loszingt van de saaie logica van degelijk realisme. Denk aan een musical zonder liedjes, waarin ernst en lichtheid, tragiek, serieuze emoties en speelse fantasie moeiteloos in elkaar overvloeien. Met citaten uit klassieke Franse misdaadfilms en de wereld van Franse chansons stevenen we af op aangrijpende en ontroerende momenten waarin Nono veel leert over zijn vroeg overleden moeder, en over wat je moet doen om verder te kunnen in het leven. Isabella Rossellini en Burghart Klaussner spelen belangrijke bijrollen.

Traditiegetrouw worden op de openingsavond al de eerste prijzen van het festival uitgereikt. De Filmprijs van de Stad Utrecht voor het beste debuut werd door burgemeester Aleid Wolfsen overhandigd aan Jeroen S. Rozendaal voor zijn korte documentaire Interzone – Gedichten van Bart Chabot. Het Gouden Kalf voor de Cultuurprijs, een onderscheiding voor bijzondere verdiensten voor de Nederlandse filmcultuur, ging dit jaar naar de actrice Willeke van Ammelrooy.