Het moest feest worden, want er is al genoeg geschreeuwd en geklaagd en het helpt toch niks. Na een jaar waarin vooral de theatersector de harde hand van Mark Ruttes blije crisisbeleid voelde moesten er toch weer prijzen worden uitgereikt. De toch al niet zo enorm grote crème de la crème van de Nederlandse theaterwereld kwam dus weer bij elkaar voor het gala in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Het was een dappere poging tot optimisme, terwijl in de wandelgangen ook weer even bleek dat het geen koek en ei is binnen de sector.

Altijd is er wel gedoe over wie wel of niet moet winnen. Het was bijvoorbeeld jarenlang een vast ritueel onder onze topactrices, om te verzuchten dat de ‘Theo d’Or, de prijs voor de beste hoofdrol toch wel weer naar Ariane Schluter zou gaan. Nu heeft Mevrouw Schluter de gouden plak inderdaad best vaak gewonnen, maar om haar nu tot de Serena Williams van het vaderlandse theater uit te roepen, gaat wat ver. We weten genoeg om ook dit keer de mensen die bezwaar maken te laten wachten op volgend jaar, wanneer ze de prijs waar ze nu geen waarde aan hechten, misschien toch krijgen. En dan wel blij zijn.

Maar toen zagen we op facebook deze verzuchting langskomen, gepost op de wall van een van de juryleden.

Boze acteur
Boze acteur lucht zijn hart bij een jurylid

 

We hebben de naam van de klagende acteur in kwestie even gecamoufleerd, maar hij staat wel ergens voor. Waar deze meneer op duidt, is de nominatie en uiteindelijke toekenning van de Lois d’Or (de prijs voor de beste mannelijke hoofdrol) aan acteur Hein van der Heijden voor in dit geval twee rollen, waarvan er 1 dus strikt genomen geen hoofdrol is.

Over zijn hoofdrol in Vincent en Theo over Vincent van Gogh geen klachten, maar alleen die rol was kennelijk niet genoeg, dus werd er een soort oeuvreprijs van gemaakt. En dat is wel weer terecht. Hein van der Heiden, die we dus de prijs van harte gunnen omdat hij een fantastisch acteur is, die te lang in de schaduw heeft gestaan, speelde in de andere voorstelling waarvoor hij genomineerd was, ‘Oom Wanja’ van Anton Tsjechov, namelijk niet de titelrol, maar die van de grote tegenspeler van de titelrol.

Voor je verder leest...

Blij met dit verhaal? Klik dan op 'like' en maak Facebook rijk.

Of:


Klik op 'lid worden' en maak Cultuurpers sterk.

Dat Pierre Bokma voor die titelrol geen nominatie kreeg, is dus wel een soort statement. Van de jury. Bokma werd dus door die jury kennelijk meer op zijn plek geacht als bijrol Puck in Midzomernachtsdroom van Het Nationale Toneel. Daar kreeg hij een nominatie voor, als beste bijrolspeler. Vast ook heel goed, maar het blijft vreemd. En bovendien won Bokma niet, maar ging die bijrolprijs naar de uitmuntend spelende Gijs Naber.

We kunnen ons voorstellen dat dit soort dingen een smetje werpt op de feestelijkheden, maar na een week is alles weer vergeten, en die prijzen, die pakken ze de mensen dus niet meer af. Dat maakte de immer flamboyante Adelheid Roosen na afloop nog maar eens goed duidelijk.

En voor wie er ook op twitter niet bij was: hier het verslag in tweets.