Afgelopen weekend 250 jaar geleden kwam de negenjarige Mozart met zijn ouders en zus Nannerl aan in Den Haag. Op 11 september 1765 arriveerde hij om op te treden aan het stadhouderlijk hof. Door ziekte bleven de Mozarts uiteindelijk negen maanden en de jonge componist schreef hier diverse werken. Klavecinist en dirigent Jörn Boysen organiseerde het festival Mozart in Den Haag om deze periode te gedenken.

Mijn eigen verhouding tot de muziek van Mozart is lang een moeilijke geweest. Als kind op pianoles kreeg ik zo grondig de pest aan de twaalf variaties op ‘Kortjakje’, dat het me jaren kostte voor ik toe kon geven dat het Requiem toch wel prachtig was. Het was dan ook met enige aarzeling dat ik me intekende voor een flinke serie concerten van het festival. Zou het de grote componist lukken zich te revancheren?

Stadhouderlijk hof

Ik begin het weekend met een Mozart-wandeling onder carillonspel van de Grote Kerk. Stadsbeiaardier Gijsbert Kok stelde voor de gelegenheid een nieuw beiaardboek met Mozartbewerkingen samen. De gids neemt ons mee langs de plaatsen waar Mozart verbleef en speelde, waaronder de Ridderzaal, de Jorisdoelen en het hotel waar nu het gebouw ‘Amadeus’ staat. Het beeld ontstaat van een klein Den Haag, dat volledig om het stadhouderlijk hof en de elite draaide; gewone burgers, zelfs de rijkste, waren bij de concerten niet welkom. Reizen was een bezoeking: de Mozarts deden anderhalve maand over de tocht van Dover naar Den Haag. De rondleiding is op een instapniveau en houdt een kalm tempo aan; wie verder de diepte in wil, kan goed terecht bij de app die New Dutch Academy eerder ontwikkelde en die bijvoorbeeld ook de toenmalige operahuizen en het huis van kapelmeester Graf laat zien.

Feestelijk is de vrijdagavond met missen in de Kloosterkerk. Het Haags Matrozenkoor zingt de Krönungsmesse, het Residentie Bachkoor de Vesperae solennes de Confessore met tussendoor verschillende versies van het Ave Verum. Beide amateurkoren doen het uitstekend en de solisten zijn voortreffelijk, waarbij sopraan Nikki Treurniet het meest uit de verf komt. Dit is absoluut niet de Mozart van Kortjakje! De uiteinden van elke rij kerkbanken is gereserveerd voor koorleden, maar pas als zij opstaan en gaan zingen besef je dat je tussen de zangers zit, heel verrassend.

Prinses Caroline

Zaterdag: in een onverdiend halflege Paleiskerk spelen pianiste Daria van den Bercken en violiste Carla Leurs Sonates voor Prinses Caroline. Het was deze Caroline, echtgenote van de latere stadhouder Willem V en begaafd pianiste, die de Mozarts naar Den Haag liet komen. In de eerste sonate, in Den Haag gecomponeerd, speelt de viool slechts een begeleidende rol, terwijl de partijen in de tweede, veel latere sonate gelijkwaardig zijn; Mozart had toen betere violisten voorhanden én had zich verder ontwikkeld als componist. Interessant, maar is mij na enige tijd toch te ‘Mozartiaans’. Zeer levendig en aansprekend is de pianosonate met het ‘Rondo Alla Turca’, die Van den Bercken solo speelt en die zij onlangs ook opnam op een Mozart-cd. Knap weet zij een zo platgespeeld stuk als nieuw te laten klinken.

Claudette Verhulst in de Houtrustkerk (foto auteur)
Claudette Verhulst in de Houtrustkerk (foto auteur)

Diverse kerken werken mee met een speciale dienst met het eigen kerkkoor. De Houtrustkerk ontvangt na deze dienst de jonge Haagse pianiste Claudette Verhulst voor een koffieconcert. Op het programma onder andere de gevreesde Kortjakje-variaties (officieel Ah vous dirai-je, Maman). Het spreekt vanzelf dat ik daarheen moet! Half tot mijn verbazing blijken de variaties weinig van doen te hebben met het technische gerammel dat ik me herinner.

Dit verhaal lees je gratis.

Help de schrijver meer stukken te schrijven!
Onderaan kun je zelf bepalen hoeveel je wilt bijdragen.

Verhulst kiest voor haar eigen bijna romantische, zeer muzikale benadering. Haar vroegere leermeester, de veel te jong overleden pianist Rian de Waal steunde haar altijd in de keuze voor die richting. Pas bij de tiende variatie bekruipt mij het gevoel ‘nu weten we het wel’. Verhulst, die met Elsbet Remijn als het theatrale pianoduo ‘Beth & Flo’ recent nog op het Grachtenfestival optrad, speelt daarnaast een Mozart-rondo en een stuk van Liszt. Wolfgang Amadeus kwam nooit zo dichtbij rehabilitatie.

Later die middag voeren barokcoryfee Ton Koopman en zijn vrouw Tini Mathot de complete orgelwerken van Mozart uit op het monumentale Bätz-orgel in de Lutherse Kerk. Het gaat om welgeteld vier stukjes, grotendeels gecomponeerd voor mechanische orgels. Werk van Beethoven en anderen vult het programma aan. Of het nu ligt aan het karakter van de stukken, die eigenlijk niet voor menselijke bespelers zijn, of aan de hoge luchtvochtigheid waaronder het orgel te lijden heeft, de muziek komt niet goed tot zijn recht. De uitvoering lijkt soms rommelig, Koopman versnelt hier en daar angstwekkend en weet met de enorme hoeveelheid nootjes weinig passie over te brengen. Ook hier ondanks de grote naam geen volle zaal; het lijkt erop dat de festival-overkill van september Mozart in Den Haag parten heeft gespeeld.

Mozart in de Lutherse Kerk (foto auteur)
Mozart in de Lutherse Kerk (foto auteur)

Onder de evenementen die ik niet heb bijgewoond noem ik nog een demonstratie van een authentieke 18e-eeuwse fortepiano in Pulchri Studio, een kindervoorstelling met muzikale highlights, het Amadeusconcours voor jonge musici en een avond met aria’s door sopraan Johannette Zomer en Musica Poetica, ensemble van festivaldirecteur Jörn Boysen. Die laatste avond springt deels in het enige hiaat van het festival: er is geen opera-uitvoering.

Toetje vormt het Prinsjesdagconcert op dinsdagavond door het Residentie Orkest in het Zuiderstrandtheater. Behalve een nieuw theater presenteert het orkest ook de nieuwe vaste dirigent, Jan Willem de Vriend. Die laat in een kort, toegankelijk programma horen hoe dicht Mozarts jeugdsymfonieën (bijvoorbeeld de ‘Haagse’) nog staan bij Graf en andere tijdgenoten, terwijl latere symfonieën (‘Haffner’) complexere en meer technische harmonieën en melodieën hebben, maar ook een ander instrumentarium – zonder klavecimbel, mét pauken. Bijzonder grappig is de potpourri Galimathias Musicum, geschreven voor de inhuldiging van Willem V in 1766.

Mozart gerehabiliteerd?

Het handschrift hiervan wordt overigens bewaard in het Nederlands Muziek Instituut en is deze hele septembermaand nog te zien in het Haags Historisch Museum. Het is bijzonder het handschrift van de tienjarige te zien, met de kleine correcties van vader Leopold er nog bij.

Al bij al is het festival breed van opzet, laat het de achttiende eeuw in Den Haag tot leven komen en biedt het kwalitatief over het algemeen zeer goede concerten. Gezien de slechts gedeeltelijk toegekende subsidies een extra grote prestatie.

Maar is Mozart nu gerehabiliteerd? Ik kan hem beter in zijn tijd plaatsen, zowel sociaal als muzikaal. Ik heb gehoord hoe cliché-stukken weer fris uit de was kunnen komen. Ik heb genoten van prachtige missen en sprankelende pianomuziek. Maar smaak verloochent zich nu eenmaal niet en een beetje blijft het dus zoals het was – na een tijdje wordt het me toch vaak… ‘té Mozart’!