We zijn onafhankelijk. Help ons mee en word ook lid! Met jou erbij gaat het beter.

Geen lid, wel steunen?

‘Het gaat er niet om waar ik vandaan kom of thuishoor, het gaat erom bij wie.’

&

In een week tijd 250 kilometer (hard)lopen door de Sahara: elk jaar doen er honderden mensen aan de Marathon de Sables, een van de zwaarste hardloopraces die er bestaan. Journaliste Hasna El Maroudi raakte ruim vijftien jaar geleden al geobsedeerd door het idee zelf ook eens mee te doen aan deze ultratrail in Marokko. Wat begon als een sportieve droom mondde uit in een zoektocht naar haar voorouders – en naar zichzelf.

Yalla! Hasna El Maroudi (41), sinds begin dit jaar hoofdredacteur Journalistiek en Documentaire bij Omroep ZWART, moest dat elke woestijndag wel een paar keer tegen zichzelf zeggen ter aanmoediging en aansporing: Kom op! Niet verwonderlijk dus dat deze Arabische uitdrukking de titel werd van haar boek over haar deelname aan de Marathon de Sables, de 250 kilometer lange ultratrail door de Sahara in Marokko, het geboorteland van haar ouders. Maar Yalla gaat over veel meer dan hardlopen: het is een boek over afkomst, identiteit, migratie, thuis horen en hoe je wordt gevormd door de geschiedenis van je voorouders. Het volbrengen van deze extreme hardlooptocht was voor Hasna El Maroudi overigens allesbehalve vanzelfsprekend, want ze was nou niet bepaald de meest sportieve persoon, vertelt ze. ‘Vijf kilometer rennen vond k al veel, en ik pak liever de auto dan ik fiets – nog steeds trouwens, ha ha.’

Wanneer en waarom werd je gegrepen door het idee om aan deze extreem zware hardloopwedstrijd mee te doen?

‘Meer dan tien jaar geleden zag ik een uitzending van het Belgische programma Tomtesterom, waarin Tom Waes aan de Marathon de Sables meedeed. Ik had er eerder al eens iets over gelezen in een hardloopblad of krant, en had toen al gedacht: wauw, dat moet magisch zijn. Toen ik zag dat Waes aan deze trail meedeed én ‘m uitliep, dacht ik: dat wil ik ook. Het leven gaat zoals het gaat, dus in sommige periodes deed ik veel of juist weinig aan hardlopen – tijdens corona heb ik alleen maar gegeten en op de bank gezeten. Maar de wens verdween nooit uit mijn gedachten. Hardlopen gewoon om hard te lopen, dat is niks voor mij, ik moet een doel hebben om in beweging te komen. De MDS is een van de zwaarste ultratrails van de wereld, tegelijk hebben er altijd nomadenvolkeren door de Sahara getrokken. Dus waarom niet? We zijn als mens tot zoveel meer in staat dan we denken. Maar het vergt natuurlijk wel discipline. En geld, want alleen al het startticket kostte drieënhalf duizend euro, en dat was nog peanuts vergeleken bij alle speciale gear heb die ik heb moeten aanschaffen. Daar schrok ik wel van. Natuurlijk heeft de lokale gemeenschap er ook wat aan, maar de Franse organisatie achter het evenement verdient er grof geld mee, heel neokoloniaal. Dat ik daaraan bijdroeg, voelde hypocriet. Maar ik wilde het té graag.’

Hoe bereidde je je voor?

‘Het spannendste vond ik het dat ik naar een gebied ging waar de hitte overweldigend zou zijn. Ik had op vakanties in Marokko weleens meegemaakt dat het 48 graden was, maar toen was ik aan de kust en dat is toch heel anders dan in de woestijn. Wat zou mijn lichaam doen in zo’n omgeving? Vijf keer per week deed ik anderhalf uur hot yoga, en als tijdens het hardlopen kleedde ik me dik aan en droeg ik een muts. De bepakking – minimaal 6,5 en maximaal 15 kilo, plus nog eens anderhalve liter water – bouwde ik op met eerst een pak linzen, daarna een zak aardappels. Maar omdat ik geen blessures wilde oplopen, heb ik niet opgebouwd tot het uiteindelijke gewicht, en daar hebben mijn schouders tijdens de race veel last van gehad. Ik sprak met mezelf af dat als ik de marathon van Athene goed kon lopen – daar is het ook heet, en hij gaat voor een groot deel heuvelopwaarts –, ik me voor de MDS mocht inschrijven. Ik liep ‘m niet binnen de vier uur, maar toen ik zag hoeveel mensen er uitvielen en hoe goed het met mij ging na de finish, had ik er vertrouwen in.’

Wist je al meteen dat je deze run wilde gebruiken als een zoektocht naar jouw roots?

‘Ik heb altijd al vragen gehad over mijn achtergrond. Ik ben opgegroeid in Vreewijk, een overwegend witte wijk in Rotterdam-Zuid. Onze buren dachten dat mijn vader Surinaams was en mijn moeder Turks – zo zagen ze er in hun ogen uit. Waarom was mijn vader zo donker? Waarom was mijn oma zo donker? Hoe dat nou eigenlijk, want een groot deel van de El Maroudi-familie was dat niet. Het was duidelijk dat ze uit dieper, zuidelijker Afrika afkomstig waren.

Tegelijk met de zoektocht naar die migratiestroom kreeg ik interesse in de Marathon de Sables. Via mijn ouders ontmoette ik een man, Lahbib, die me vertelde dat mijn voorouders uit de omgeving van Igli kwamen en ooit als handelaren door de Sahara trokken. Dus toen ik ontdekte dat dat precies daar de MDS plaatsvindt, dacht ik: dit is too good to be true. Ik ga straks onder dezelfde sterrenhemel slapen als mijn voorouders hebben gedaan. Toen ik tijdens de langste etappe ’s nachts door de woestijn liep en een man en een vrouw met een kudde kamelen mij de pas afsneden, voelde het echt even alsof mijn voorouders op doorreis aan me voorbijtrokken.’

Voor de start van de tocht bezoek je het kerkhof waar je vader begraven ligt en neem je een plantje mee van zijn graf, alsof je hem en zijn wortels meeneemt in je rugzak.

‘In een opwelling haalde ik dat plantje van zijn graf, omdat ik voelde dat ik hem graag tastbaar bij me wilde dragen. Mijn plan was: ik neem hem mee en dan ga ik hem aan het einde van de marathon ergens planten, dan maak ik er een ritueeltje omheen en kan ik de cirkel rondmaken. Onderweg kwam ik langs een begraafplaats. Stel je voor: in the middle of nowhere, met alleen maar zandvlaktes zo ver het oog reikt, een heel oude, kleine begraafplaats met wat omgevallen stenen. Een bijzondere plek. Zou ik het hier doen? Ik twijfelde. De uitputting van het hardlopen zorgde ervoor dat ik nauwelijks nog mentale ruimte had om na te denken, dus ik heb het niet gedaan. En toen ik over de finish kwam, dacht ik: o, dat plantje! Ik ging een ceremonie houden, maar ik ben nu eigenlijk te moe, ik wil terug naar het hotel, en er zijn hier veel te veel mensen. Ik heb het alsnog ergens in de grond gezet, maar het voelde als een anticlimax. Tot ik besefte: het draaide niet om dat plantje, dat was een onderdeel van een groter geheel.’

Je stelt jezelf vragen over ergens bij en thuis horen, wat het betekent om letterlijk en figuurlijk in beweging te zijn, te migreren. Je schrijft dat je als kind van ouders die hier als gastarbeiders naartoe werden gehaald, eigenlijk nergens écht helemaal bij hoort: in Nederland wordt je gezien als een migrant, in Marokko als een dochter van Europa.

‘Ja, en dat is iets waar denk ik meer mensen van mijn generatie mee worstelen. Mijn man is een witte Nederlander en hij weet precies wie zijn opa’s en oma’s waren, waar ze vandaan kwamen en wat voor werk ze bijvoorbeeld hebben gedaan. Dat wist ik allemaal niet, en daar wilde ik graag antwoord op, voor mezelf en voor ons kind. Mijn zoektocht begon eigenlijk heel Nederlands, namelijk heel pragmatisch. Als ik wist wie mijn voorouders waren, wist ik wie ik ben, dacht ik – maar zo werkt het natuurlijk niet.

Voel ik me nou meer Nederlander of ben ik toch meer Marokkaans? Ik ben gaan beseffen dat die vraag iets is wat ándere mensen nodig hebben om hun verhouding tot mij te kunnen bepalen. Die labels zeggen eigenlijk niet zoveel over wie ik ben. Na deze zoektocht weet ik: het is mijn gezin, het zijn mijn broers en zussen, en ook mijn familie in Marokko bij wie ik hoor, dát bepaalt wie ik ben. Het gaat er niet om waar ik vandaan kom of thuishoor, het gaat erom bij wie.

Deze tocht heeft me veranderd. Ik ben opener geworden, omdat ik me ben me gaan realiseren wat de waarde van geschiedenis is. Als we niet met elkaar praten, onze verhalen niet met elkaar delen, wissen we zelf onze geschiedenis uit.’

Wat is het belangrijkste dat je over je eigen geschiedenis hebt ontdekt?

‘Mijn voorouders en mijn ouders waren strijders; ze hebben keihard gewerkt om te overleven en er alles aan gedaan om goed voor hun kinderen te zorgen. Het woord migratie heeft in het Westen een negatieve connotatie gekregen. Men is vergeten dat arbeidsmigranten zoals mijn ouders naar Europa zijn gehaald omdat ze nodig waren. Mijn ouders zijn Nederland altijd heel dankbaar geweest, op het onderdanige af. Ik zou dat weleens willen omdraaien: Nederland zou hen dankbaar moeten zijn voor het meebouwen aan economie en welvaart hier.

De negatieve beeldvorming van migranten heeft zich collectief onder de huid genesteld, ook bij mij. Dat is nu gelukkig weg. Ik besef nu veel meer dat migratie van alle tijden is. Als je ergens niet meer kunt overleven, ga je op zoek naar een andere plek. Mensen migreren omdat ze goed voor hun dierbaren, hun kinderen willen zorgen. Het is een teken van liefde.’

Yalla. Een familiegeschiedenis in zes etappes

Hasna El Maroudi

De Arbeiderspers, € 23,99

272 blz.

Waardeer dit artikel!

donatie
Ik doneer

Over deze auteur

A Quattro Mani

Fotograaf Marc Brester en journalist Vivian de Gier kunnen met elkaar lezen en schrijven – letterlijk. Als partners in crime reizen ze voor diverse media de wereld over, voor recensies van de mooiste literatuur en persoonlijke interviews met de schrijvers die ertoe doen. Voor de troepen uit en voorbij de waan van de dag.

Reageer!

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Populaire berichten

Is vragen stellen kunst?

Is vragen stellen kunst?

We kunnen heel veel leren van de laatste zomergasten. En van Theaterfestival Boulevard. En hoe we beter kunnen luisteren.
Soms is kunst beter dan vakantie

Soms is kunst beter dan vakantie

De kortste Zomergastenrecensie ooit, en waarom we in Groningen het licht zagen. En twee petities. Omdat ze heel hard nodig zijn. Tegen Hitler, vóór het gesprek.

Categorieën