Die sterren bij recensies. Ik wil nou wel eens weten hoe je daaraan komt. Leg uit.

Goed. De eerste dertig minuten van Wagners Lohengrin bij De Nationale Opera zijn onvergetelijk. Eerst het Vorspiel met gesloten doek, hartverscheurend mooi gespeeld door het Nederlands Philharmonisch Orkest dat onder leiding van Marc Albrecht aan elke nuance recht doet. Sinds Abbado hoorden we het niet zo indrukwekkend en…

Maar houden ze dat niveau vast?

Jazeker! Het wordt alleen maar beter. Het orkest zit bovendien niet alleen in de bak, maar er zijn blazers op de achtergrond, op de zijtonelen en in de derde akte zelfs vanaf meerdere plaatsen op het balkon. Opera is live altijd al veel ruimtelijker dan welke SACD-opname ook, maar bij deze productie krijgen we alles.

Alles?

Ja, want voor je me onderbrak wilde ik meer vertellen over dat onvergetelijke eerste half uur. Na het Vorspiel zien we namelijk het monumentale stalen decor van Jannis Kounellis, waardoor het koor letterlijk als een muur van geluid klinkt, maar, en dat is de kracht van dit koor, ook bijna fluisterend. En altijd messcherp en in staat om zelfs de kleinste emotie over te brengen. Alle lof voor Ching-Lien Wu, sinds september artistiek leider van het Koor van de Nationale Opera.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie. Die bijdrage komt ten goede aan de auteur, in dit geval Henri Drost. Zo kan Cultuurpers blijven bestaan!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen aan het werk van Henri Drost.

‘Daar komt de bruid’ klinkt dus geweldig?

Zeker. Al is het beroemdste koor uit de operageschiedenis eigenlijk ‘daar gaat de bruid’, want het wordt gezongen na de bruiloft. Maar het koor zingt het inderdaad prachtig.

Je zal maar lid van het koor zijn. Je krijgt van die ‘Klangmauer’ spontaan hoogtevrees.

Maak je geen zorgen: ze hebben gordels om. En die muur blijft niet. In de tweede akte is de wand in drieën gesplitst, waardoor regisseur Pierre Audi een extra dimensie toevoegt aan de handeling en in de massale koorscène aan het eind een bijna constante mensenstroom weet te realiseren. Alleen al om de choreografie van het koor zou je deze voorstelling meerdere malen moeten bekijken, eenmaal vanuit de zaal, eenmaal vanaf het balkon. Maar ik dwaal af.

Ben je nog steeds niet klaar met dat eerste half uur?

Nee, want ook de eerste solisten die ten tonele verschijnen maken duidelijk: dit kan een van de beste Wagner-uitvoeringen in Amsterdam ooit worden. Zowel Bastiaan Everink (Heerrufer), Günther Groissböck (koning Heinrich) en Evgeny Nikitin (Friedrich von Telramund) maken meteen indruk. Dan de eerste verrassing: Juliane Banse als Elsa.

Jaliane Banse in een zware Wagner-rol? Is haar stem daar niet te licht voor?

Nee, integendeel zelfs. Haar timbre past wonderwel bij deze donkere opera en zij blijkt een actrice van formaat. Hetzelfde kan gezegd worden van haar rivale Ortrud, soms met iets te veel volume gezongen door Michaela Schuster, maar het duet met Banse in de tweede akte zingt ze bijna Strausiaans licht – een ander hoogtepunt van de middag.

Klinkt geweldig. Vijf sterren. Maar waar blijft Lohengrin? Heeft die weer eens een zwaan gemist?

Ha, Leo Slezaks’ “Wann geht der nächste Schwan?” – je kent je klassiekers. Maar een zwaan krijgen we in deze hele productie niet te zien. Wel veren in de derde akte, en de geheimzinnige ridder komt hier met een kar vol roeispanen, die bij het slot uit de lucht zakt, waarna een klein jongetje als de doodgewaande troonopvolger Gottfried het toneel betreedt.

Een mooie vondst van Audi, maar hoe zit het nou met Lohengrin?

Een rol van Nikolai Schukoff…

Ah, een Wagner-zanger van formaat! Hij maakte al indruk als Siegfried en Parsifal.

Klopt, maar de titelrol van Lohengrin vereist geen typische Wagner-tenor, eerder een meer lyrische tenor maar dan wel een met veel kracht. De partij ligt ook aanzienlijk hoger. En dat is te merken, want hoewel Schukoff de hoge noten vrijwel allemaal haalt, klinkt het soms te geforceerd.

Slakken, zout…

Je hebt gelijk. Want alleen al de fraaie personenregie, het fenomenale koor en de indrukwekkende decors maken dit een opera die je moet zien. Voeg daarbij Bastiaan Everink, Günther Groissböck en vooral Juliane Banse en je hebt…

Vier sterren, duidelijk. Ik ga zelf kijken.

Dat kan nog tot eind november. Hier alvast de trailer:

Richard Wagner, Lohengrin, De Nationale Opera. Gezien 16 november 2014, Nationale Opera & Ballet, Amsterdam.