Writers Unlimited Special – Een van de belangrijke gasten op Writers Unlimited is Roland Colastica. Deze Curaçaose schrijver debuteerde in 2012 met het jeugdboek ‘Vuurwerk in mijn hoofd’. Het boek is enthousiast ontvangen, en groeit inmiddels uit tot een bescheiden bestseller. Grote kracht van het verhaal is de kleurrijke en ritmische stijl, maar minstens zo belangrijk is de beschrijving van het leven van kinderen op Curaçao, die we voor het eerst vanuit een Antilliaans perspectief zien.

Colastica schrijft al 20 jaar in het Papiamento en treedt ook op als verteller. Sterker nog: als optredend verteller is hij bekender dan als schrijver. Is dat niet ook een idee voor Nederlandse schrijvers? Hier loopt de verkoop van boeken ook terug, terwijl de interesse van mensen voor schrijvers alleen maar toeneemt. Mijn vraag aan Colastica was dan ook: Moeten schrijvers meer gaan optreden om aan hun inkomen te komen?

“Ik denk dan de tijd dat de schrijver in zijn hermetisch afgesloten torentje zat en alleen maar via zijn geschreven materiaal met de lezer communiceerde, voorbij is. Ik heb het over verschoven tendensen in de samenleving, er zijn steeds meer andere vormen van lezen ontstaan. De lezer van boeken moet op een andere manier benaderd worden. Vroeger kocht je een plaat of een cd van een zanger, en dat was eigenlijk voldoende. Nu stel je meer eisen: je wilt de persoon zelf ook zien. Voor Nederlandse schrijvers geldt dat ze steeds meer de hort op moeten. In de jeugdliteratuur gebeurt het al volop.”

Schrijf je anders omdat je ook een optredend verteller bent? Wat is daar het kenmerk van?

“Heel veel beschrijvingen, veel herhalingen, ontzettend veel ritmiek en kleur in de woordkeuze en zinsbouw. Als ik een wandeling van 30 kilometer lopen moest beschrijven, dan vertelde ik niet die feiten, maar dan herhaal ik de actie. Dus dan zeg ik: Ik heb gelopen ik heb gelopen ik heb gelopen. Nu ontwikkel ik een veel technischer schrijfstijl, die ook mer past bij een bepaalde literaire Nederlandstalige traditie.”

Dit boek was een zware bevalling?

“Ik had verschillende barrières te overwinnen. Nederlands is een Germaanse taal en ik kom uit een Latijns/Creoolse traditie. Als je in Nederland wilt publiceren als Antilliaan is de weg zo verschrikkelijk lang, want ook al gelden voor ons dezelfde regelingen en subsidies als in de rest van Nederland, als je iets wilt aanvragen ben je opeens een buitenlander geworden. Het is ontzettend moeilijk om aanspraak te maken op coaching en dergelijke. Mijn voorgangers op de Antillen, hadden nog allerlei regelingen waarmee ze aan coaching en begeleiding konden komen, maar ik en mijn generatiegenoten moeten het helemaal zelf oplossen. Onze manuscripten die wij naar de Nederlandse uitgeverijen stuurden, waren dus ook niet op het niveau dat Nederlandse uitgeverijen daarvan verwachten. Er heerst in Nederland ook een heel ander beeld over wat de Antillen zouden moeten zijn. Als je daar niet aan voldeed, kwam je niet binnen. Mij is het na twintig jaar gelukt, ik draai al twintig jaar als buitenlandse schrijver mee in de kinderboekenweek. Het Letterenfonds heeft er uiteindelijk voor gezorgd dat ik gecoacht kon worden door Sjoerd Kuiper. Daardoor heb ik ook een ingang gekregen bij een uitgever.”

Voor je verder leest...

Inmiddels zijn al bijna 300 mensen met een hart voor kunst lid. We groeien snel! Alleen dankzij onze leden kunnen we dit soort verhalen blijven vertellen.

Word ook lid, door HIER te klikken!

Slavernij is een thema in je werk. Een Nederlandse recensent merkte op dat hij de passages daarover wat schools vond, en oubollig: dat we daar nu wel overheen waren, leek hij te bedoelen.

Elke ochtend ons nieuws in je mailbox?

Wanneer je lid wordt kun je elke dag een update in de mail krijgen, met onze laatste berichten.

Word ook lid, door HIER te klikken!


Al lid? Login

“De slavernij is 150 jaar geleden afgeschaft. Dat herdenken we 1 juli aanstaande. Dat lijkt lang geleden, maar als je als slaaf pas 150 jaar gelen bevrijd werd, en je hebt geen grond, gee kleren, niks, dan blijf je slaaf. Je moet blijven wonen en werken op het landgoed van je vroegere meester. Je kreeg een vierkante meter grond toegewezen, waarop je gewassen kon verbouwen. Van de opbrengst daarvan moest je 50% afdragen aan de landeigenaar. Mijn grootmoeder, die was nog slavin. Het is met de komst van de Shell in 1917 dat er industrialisatie ontstond, en mensen van het platteland een eigen inkomen konden verwerven, hoe miniem dat ook was. De generatie van mijn vader was de eerste generatie die de vrijheid gekend heeft. Dat snappen Nederlanders niet. Het is niet 150 jaar geleden, dus het ligt achter ons. Het ligt niet achter ons. Niet zo ver, in ieder geval.”

Het hele interview is hier te beluisteren:

Interview Colastica

Het Cultureel Persbureau doet verslag van de Winternachten op Writers Unlimited. Volg op vrijdag 18, zaterdag 19 en zondag 29 januari 2013 deze site voor updates, wellicht nog tot diep in de nacht, wanneer we undercover de hotelsuites op gaan, om verslag uit te brengen van wat de schrijvers werkelijk bezig houdt.