Ellen Vogel is dood, 93 jaar oud, en dat is een verlies. Haar ‘een monument’ noemen is een belediging, dus ik zal dat hier niet doen. Ellen Vogel was wel een koninklijk actrice: waardig en een beetje deftig. Ze was ook iemand die haar woede subliem wist te verbergen.

Ik heb mevrouw Vogel een paar keer meegemaakt. De eerste keer in 1991, toen ze een kleine, maar essentiële rol speelde in het toneelstuk Heldenplatz van Thomas Bernhard. Ik was assistent van regisseur Leonard Frank, die met deze voorstelling glorieus terugkwam van een paar slechte jaren. Voor mevrouw Vogel betekende het een terugkeer binnen het serieuze, gesubsidieerde toneel.

Thomas Bernhard met Ellen Vogel, Anne-Wil Blankers en André van den Heuvel, en ook nog eens bij Het Nationale Toneel dat toen nog de Haagsche Comedie met een nieuwe naam was. Dat betekende voor mij als wild theaterwetenschappelijk revolutionairtje een soort heulen met de vijand. Een verblijf in het Jurassic Park van het vaderlandse toneel, het liefst nog gespeld met twee o’s, midden tussen de dinosauriërs.

Zo dacht ik er vooraf over. Al na twee repetities was ik totaal van gedachten veranderd. Juist die zogenaamde dinosauriërs bleken hun status elke dag te moeten bevechten, terwijl ik van mijn stoel geblazen werd door hun charisma. Ellen Vogel voorop. Ze had slechts een kleine opkomst, helemaal aan het eind van het drieënhalf uur durende woordkunstwerk, maar was bij vrijwel alle repetities en alle voorstellingen van de lange tournee vanaf het begin aanwezig. En als zij binnenkwam gebeurde er iets met de rest van de aanwezigen. Een siddering. Charisma of uitstraling, hoe je dat ook wil noemen, maar het is wat de groten van de krabbelaars scheidt. Het kan natuurlijk een trucje zijn geweest: ook Joop Admiraal, een acteur met een ongekende uitstraling, wist er bij elke opkomst met een kleine handeling voor te zorgen dat de aandacht naar hem ging, heel even, maar, net genoeg om de anderen niet te storen.

Achterin de taxi terug van de zoveelste voorstelling kwamen de verhalen en anekdotes. Wat me daarvan vooral is bijgebleven is de grote eenzaamheid waar Ellen Vogel over vertelde. Wat begon als een onder acteurs bekende observatie dat de sterren van de avond na een maaltijd bij de chinees tegenover de schouwburg altijd via een obscuur achterdeurtje (de artiesteningang) het theater in- en uitgaan, ontwikkelde zich tot een verhaal over al die mensen in al die zalen die jou als acteur in hun hart sluiten, met je willen praten, bij je willen uithuilen, en dat je daar zeker bij zulke megatournees als deze nooit de tijd of de energie voor hebt. Laat staan dat je ook maar één toeschouwer ziet, door de felle lampen. En dat je dus steeds weer met je bosje bloemen bij de artiestenuitgang in die plas trapt, wachtend op die taxi. Het was de tijd dat je als toneelspeler ook nog niet aan tv hoorde te doen.

Allemaal erg romantisch natuurlijk, maar het leven van een toneelspeler in het unieke Nederlandse toneelbestel is niet erg prettig: elke avond ergens anders, zonder enige band met een plek, nooit langer dan vier maanden dezelfde collega’s en daarnaast altijd overdag repeteren aan het ene stuk, terwijl je ‘s avonds met het andere stuk in Heerlen staat. Of Meppel. Ellen Vogel wist haar verstand mede te behouden door, na eerdere artiestenhuwelijken, niet meer met een acteur, maar met een zakenman getrouwd te zijn. Zo kon ze het vak relativeren.

Voor je verder leest...

Inmiddels zijn al bijna 300 mensen met een hart voor kunst lid. We groeien snel! Alleen dankzij onze leden kunnen we dit soort verhalen blijven vertellen.

Word ook lid, door HIER te klikken!

In 2000 had ik de kans om Ellen Vogel, samen met Sigrid Koetse en Henni Orri, twee andere grande dames van het toneel, te interviewen. Het was een vrolijke lunch. Het hele interview vind je op mijn website. Een enkel citaat van Vogel, die nu overal ‘Grande Dame’ wordt genoemd: “,Ik ben helemaal geen dame. Ik zou gaarne een ordinaire sloerie spelen, of een drankzuchtige. Alleen geen simpele volksvrouw. Die niet.”

Elke ochtend ons nieuws in je mailbox?

Wanneer je lid wordt kun je elke dag een update in de mail krijgen, met onze laatste berichten.

Word ook lid, door HIER te klikken!


Al lid? Login

Ze heeft het zwaar te verduren gehad in haar lange carrière. En ze heeft veel van de haters overleefd. Laat dat een troost zijn, want hoe ze dat beschreef, in 2000, is voor veel mensen nog vaak dagelijkse realiteit: ,,Ik behoorde opeens tot de ouderwetse hap, ze wilden me niet meer hebben. Dan zit je. En ik wilde graag spelen. En dan bel je gezelschappen op en vraag je ze of ze iets hebben. Ze zouden wel kijken, hoor je dan, maar je hoorde ook, stiekem, dat je werd uitgelachen. Dat zijn gevoelige momenten. Dat mensen zeggen: verwacht maar niet dat ik voor je in de houding schiet, of zo.”

Het hele interview uit 2000: http://www.wijbrandschaap.nl/2000/11/ellen-vogel-hennie-orri-en-sigrid-koetse/