Enfin, helemaal letterlijk was het niet, maar hij refereerde er duidelijk aan: Richard III. Geert Wilders, zelf niet al te cultureel onderlegd, citeert Shakespeare in zijn zoveelste pleidooi om Nederland met potdichte grenzen uit de EU te halen. In de tweede kamer. Ik zag het in Nieuwsuur, en u kunt het terugkijken. Op 39′:49″ minuten in de uitzending is hij in debat met zijn grote vriend, de VVD’er Halbe Zijlstra.

Halbe Zijlstra herinnert hem eraan dat de EU voor een historisch ongekende vrede van 70 jaar in Europa heeft gezorgd. Wilders roept dat hij ziek wordt van dat ‘sprookje’. Geef hem maar theater. Dat is tenminste echt.

Dan komt het Shakespeare-citaat, in de nieuwe vertaling van Martin Bosma:

‘deze patriottische lente zal een zomer worden, en de zon zal overal in het westen doorbreken’.

Pakken we Shakespeare er even bij. Richard III, eerste bedrijf, scene 1, regel 1 t/m 4:

Now is the winter of our discontent

Made glorious summer by this son of York;

And all the clouds that low’r’d upon our house

In the deep bosom of the ocean buried.

Dus. Meneer Wilders vereenzelvigt zich hier met de figuur Richard III, degene die in Shakespeares gelijknamige stuk deze woorden gebruikt. Deze Richard III gaat na het spreken van deze woorden over tot de gruwelijkste vormen van moord en verraad die de geschiedenis heeft gekend. Echt, Game of Thrones is er niets bij. Mietjes vergeleken bij good old Richard.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie. Die bijdrage komt ten goede aan de auteur, in dit geval Wijbrand Schaap. Zo kan Cultuurpers blijven bestaan!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen aan het werk van Wijbrand Schaap.

Wat kunnen we hiervan leren?

Geert Wilders heeft slecht cultuuronderwijs gehad, dat alvast. Hij gaat nooit naar het theater. Hij heeft Shakespeares klokkenspel wel horen luiden maar weet niet waar de klepel hangt. De Engelsen zijn hem niet dankbaar. En dat hij op paardrijcursus moet. Want de laatste woorden van Richard kennen we allemaal: Een paard, een paard, mijn koninkrijk voor een paard.

Enfin. We gaan het zien.