‘We zijn destijds, onder invloed van de populisten, wellicht te ver gegaan in onze aanval op de kunstsubsidies.’ Dat verklaarde Jeroen Hatenboer, VVD’er en cultuurwethouder van de gemeente Enschede, tijdens het jaarlijkse Paradisodebat aan het einde van de Uitmarkt 2016. In het kader van de sorrycampagne van het huidige kabinet best een interessant voetnootje, en helemaal passend in de komende reparatie van de ergste schade aan ons kunstsubsidiestelsel. In de nieuwe begroting zal de VVD immers na enig formeel sputteren akkoord gaan met een jaarlijks extraatje van 24 miljoen, dat nu door D66-leider Alexander Pechtold werd aangekondigd.

Pechtolds belofte volgde op een iets voorzichtiger ‘hint’ van cultuurminister Jet Bussemaker. Zij vond het heel erg dat door de huidige systematiek een succesvol en gewaardeerd gezelschap als Orkater moest verdwijnen. En we weten: als een minister iets openlijk heel erg vindt, dan gebeurt het niet. Zij wees desgevraagd op de 10 miljoen die het kabinet onder druk van de oppositie had gevonden voor dit jaar. Waarna dus het opbieden begon.

Er was applaus in Paradiso, maar geen gejuich. Logisch, want zoals een twitteraar opmerkte: 24 miljoen is nog steeds niet de 300 miljoen die zonder enige onderbouwing van de Nederlandse kunstwereld werd afgepakt door VVD fractieleider Halbe Zijlstra.

Voor je verder leest...

Wij geloven in onderzoeksjournalistiek over cultuur. Het is geen onderwerp waar je enorm populair mee wordt. Reden waarom de meeste media alleen die paar sensationele berichten meenemen, maar niet verder kijken. Cultuurpers richt zich juist op die verhalen die voor de cultuurwereld belangrijk zijn, maar die de grote media te klein vinden. Dat kunnen we alleen volhouden als jij meedoet. Door ons tips te geven, maar ook als je lid wordt of ons steunt met een donatie. Houd de cultuurwereld scherp!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen. Geef 2,50, 10 euro of meer!

Enfin. Over dat afpakken ging het natuurlijk ook op het Paradisodebat, maar dan anders. Dat was tenminste de bedoeling. Elk jaar wil organisator Kunsten ‘92, de belangenclub van alle kunstproducenten, het niet over subsidies hebben, en geen klagende kunstenaars in de zaal hebben. Lukt natuurlijk niet, maar de poging om de zaak breder te trekken was dit jaar wel bijzonder. Uitgenodigd was de Nederlands Amerikaanse econome Saskia Sassen, het vrouwelijke voorbeeld van Thomas Piketty. Zij hield een stevig betoog met dreigende sheets, waarin duidelijk werd dat we allemaal redelijk ernstig de sjaak zijn, nu de economische middenklasse letterlijk wordt leeggebaggerd door de grote systemen van Google, Facebook en de banken. ‘We kunnen verwoesting fabriceren,’ verklaarde ze, ‘maar kunnen we ook iets moois maken?’

Henk Oosterling, de Rotterdamse filosoof die – als hij eenmaal op stoom is – garant staat voor duiding zonder kapsones, riep de kunstwereld op om nu eens echt op zoek te gaan naar publiek. Hij heeft lak aan autonome kunst en termen als ‘intrinsieke waarde’: kunst is tegenwoordig volgens hem hoe dan ook openbaar terrein. Hij hield zijn gehoor voor dat in een wereld waarin iedereen over de creatieve middelen beschikt, en iedereen aan massacommunicatie kan doen, het steeds belangrijker wordt om uniek en bijzonder te zijn, en dat kan alleen als je snapt in welke wereld je publiek leeft.

Na dit filosofische uurtje was het de beurt aan de politiek, en ging het na enige filosofische aarzeling dus weer gewoon ouderwets over geld, en wie dus hoeveel zou gaan uitdelen.

Op de borrel na afloop, korter dan anders, omdat iedereen nog naar het afscheidsfeestje van schouwburgdirecteur Melle Damen moest, waren geen bitterballen.