‘Ik sta met je op en ik ga met je naar bed,’ zei ik schertsend. We stonden in zijn keukentje, waar hij koffie voor zichzelf zette en een kop thee voor mij. De grote schrikogen van Reinbert vertelden dat mijn ironische opmerking was geland in de onvruchtbare aarde van zijn dodelijke ernst. – Het was niet het eerste en niet het laatste misverstand tussen biograaf en gebiografeerde.

Thea Derks

Beste lezer!

Onafhankelijke cultuurjournalistiek staat overal onder druk. Het Cultureel Persbureau blijft zich inzetten voor onafhankelijke, professionele verslaggeving, zonder subsidie of advertenties van Google. Met een donatie help je de goede zaak van Cultuurpers. Wat je onderaan dit artikel bijdraagt komt rechtstreeks ten goede aan de auteur van dit verhaal: Thea Derks.

Wees gul!

Het zal ergens in 2008 of 2009 zijn geweest, toen het benauwende besef tot me door begon te dringen dat ik mezelf had opgezadeld met een monsterklus. Ik had me immers voorgenomen de pianist, componist en dirigent in de context van zijn tijd te plaatsen, om zo de mens van de mythe te scheiden. Was hij werkelijk degene geweest die in de jaren zestig het krantenpapier openscheurde waarmee ons land qua moderne muziek dichtgeplakt zou zijn geweest? Was Reinbert daadwerkelijk de eerste die componisten als Kurtág, Ligeti, Oestvolskaja en Goebaidoelina introduceerde?

Het beantwoorden van dergelijke vragen vereiste een grondige geschiedschrijving van het Nederlandse muziekleven vanaf 1900. Vele uren, dagen en maanden bracht ik door in onze vaderlandse archieven en struinde ik door zijn eigen onuitputtelijke knipselmap, die hij me bereidwillig ter beschikking stelde. De zorgvuldig uitgeknipte, maar vaak niet gedateerde stukjes dreven me tot wanhoop, net zoals de talloze lacunes in archiefstukken en de vele beschadigde of verdwenen microfiches.

Dat ik pas na ruim zeven jaar onderzoek en talloze gesprekken met Reinbert en zo’n vijfhonderd andere, moeizaam opgespoorde gesprekspartners een punt zou zetten achter mijn manuscript kon ik toen nog niet bevroeden. Wel hield de schier eindeloze, onoverzichtelijke berg werk die op me afkwam me nachtenlang uit de slaap. Dus, ja, er zat een kern van waarheid in mijn verzuchting.

En nu is Reinbert dood.

Hij overleed op vrijdag 14 februari 2020. – Uitgerekend op Valentijnsdag. En precies zes jaar en twee weken na de wereldpremière van zijn orkestwerk Der nächtliche Wanderer in de NTRZaterdagMatinee. De jubelkritieken had ik nog net kunnen meenemen in mijn biografie, die exact een maand later verscheen.

Hoewel Reinbert de afgelopen jaren steeds brozer werd en nog maar een schim was van zijn toch al spichtige zelf kwam het bericht van zijn overlijden aan als een mokerslag.

En nee, ik had geen necrologie klaarliggen, want in mijn optiek is dat de goden verzoeken haast te maken. En stiekem was ik ervan overtuigd dat Reinbert het eeuwige leven had. Hij was zo’n rotsvaste aanwezigheid in ons vaderlandse muziekleven, heeft zoveel componisten met zoveel vuur verdedigd, het was gewoon ondenkbaar dat hij er op een dag niet meer zou zijn.

Maar nu is Reinbert dood.

Voor je verder leest...

Zorg dat we dit soort verhalen kunnen blijven vertellen.

Word Lid!

Ik kan het nog steeds niet helemaal bevatten.

En nee, ik ga niet nog eens zijn vele verdiensten opsommen, dat heb ik tenslotte al uitputtend gedaan. Dat ik daarin tot zijn ergernis ook zijn mindere kanten heb beschreven, is breed uitgemeten in de pers. Zijn afwijzende reactie heeft mij opnieuw veel slapeloze nachten bezorgd.

Toch ben ik hem altijd blijven waarderen. Dankzij Reinbert leerde ik bovengenoemde – en talloos veel andere – componisten kennen. En al was hij niet de eerste die hun muziek uitvoerde, zijn interpretatie was zo indringend dat ik aan mijn stoel gekluisterd zat, met rillingen over de rug en kippenvel op mijn huid.

En net als anderen hing ik aan zijn lippen wanneer hij vertelde over de componist(e) die hem op dat moment bezighield. Die bleek zonder uitzondering de meest bijzondere, avontuurlijke, grensverleggende toonvinder die hij ooit had ontmoet. – Zijn niet aflatende begeestering drukte hij steevast uit in superlatieven.

En nu is Reinbert dood.

Hij was een groot musicus, die velen heeft geënthousiasmeerd voor moderne muziek. De laatste jaren bereikte hij een nóg groter publiek met zijn romantisch-zwelgende vertolkingen van de Matthäus- en Johannes-Passion van Bach.

Dat hij ook star en onverzoenlijk kon zijn, zoals ik ondervond na de publicatie van mijn biografie, was soms moeilijk te verdragen. Maar ik ben de mens altijd blijven onderscheiden van de muziek en huldig de gedachte: ‘Wie zonder zonden is werpe de eerste steen.’

Daarom: zand daarover. Reinbert is dood, leve Reinbert!

Waardeer dit verhaal!

Onafhankelijke cultuurjournalistiek staat onder druk. Dankzij uw donatie kunnen we de verhalen blijven vertellen die anders verdwijnen.
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.