De eerste film uit de Tiger-competitie voor nieuw talent waar het Rotterdamse festivalpubliek vrijdag mee kon kennismaken was Flying Fish uit Sri Lanka. De bij de voorstelling aanwezige regisseur Sanjee Pushpakumara was duidelijk overdonderd. Hij zag zijn film zelf voor het eerst op groot doek, en dan ook nog voor een uitverkochte zaal.

Zijn dankwoord was niet alleen aandoenlijk maar ook opmerkelijk. Hij bedankte natuurlijk de medewerkers en zijn moeder, die voor de grotendeels onbetaalde cast en crew van deze door het Hubert Bals Fonds gesteunde low-budgetproductie had gekookt, maar ook alle inwoners van Sri Lanka die door het betalen van belasting zijn filmopleiding mogelijk hadden gemaakt. Misschien een ideetje voor onze kunstenacties?

Verder liet hij weten dat Bergman en Tarkovsky zijn grote helden waren en dat hij naast film ook van poëzie, schilderkunst en theater hield. Dat laatste was zeker terug te zien in dit sobere, maar bij vlagen toch groots ogende debuut dat na tien jaar schrijven en dromen eindelijk was gerealiseerd. Een hapklaar brokje was het niet. Deze in betrekkelijk fragmentarische scènes en beelden neergezette impressie van het leven in Sri Lanka tijdens de oorlog met de Tamil Tijgers vraagt enig doorzettingsvermogen en dan nog blijft veel ongrijpbaar. Pas na geruime tijd ontdek je de verhaallijntjes die in dit losse mozaïek verscholen zitten. Daarnaast is de symboliek vermoedelijk belangrijker dan het zich aanvankelijk laat aanzien.

Afgezien van een serie korte films en Rutger Hauers optreden als de schilder Pieter Breughel in het Pools-Zweedse The Mill and the Cross is het Nederlandse aandeel op dit festival betrekkelijk gering. Deels heeft dat te maken met het feit dat de films niet eerder op een ander Nederlands festival te zien geweest mogen zijn. Brownian Movement van Nanouk Leopold was hier uitstekend op zijn plaats geweest, maar die gaat dan weer naar Berlijn.

Club Zeus

De Nederlandse honneurs werden deze eerste festivaldagen dus waargenomen door het in een combinatieprogramma weggestopte Onze krant van Eline Flipse, en Club Zeus, de nieuwe film van David Verbeek. Onze krant is een bescheiden, maar mooi en zorgvuldig gemaakte documentaire over een Russische journalist die op het platteland ver van Moskou een onafhankelijke regionale krant is begonnen, wat in het Rusland van Poetin tamelijk uniek is. IKON zendt de film aanstaande donderdag uit op Nederland 2.

Club Zeus was, gezien de reputatie die Verbeek met Shanghai Trance en R U There heeft opgebouwd, een teleurstelling. Het onderwerp is intrigerend genoeg: jonge, mannelijke ‘hosts’ die eenzame vrouwen betaalde aandacht schenken. De tamelijk langdradige uitwerking kwam helaas nauwelijks uit boven het fraai gefotografeerde cliché van eenzaamheid in een wereldstad. Laten we hopen dat het een te snel gemaakt tussendoortje was.

Voor je verder leest...

Wij doen ons best om onafhankelijke en volledig professionele journalistiek over de wereld van kunst en cultuur te brengen. Journalistiek die al heel veel mensen waarderen, omdat het op zo weinig plekken nog gebeurt. We kunnen daarmee doorgaan als jij lid wordt of ons steunt met een donatie. Die bijdrage komt ten goede aan de auteur, in dit geval Leo Bankersen. Zo kan Cultuurpers blijven bestaan!

Bepaal onderaan zelf hoeveel je wilt bijdragen aan het werk van Leo Bankersen.