Regionale kranten doen vrijwel niet meer aan echte cultuurjournalistiek. We weten dat, want het was de reden waarom we Cultuurpers ooit opgericht hebben. Hoe erg het er nu, 5 jaar later,  voorstaat met kunst in de regio en de manier waarop de krant ermee omgaat, bleek deze maand in Tilburg. Een lokale journalist van het Brabants Dagblad had een stukje geschreven over vragen die een Statenlid van de PVV in de provincie had gesteld. In het nieuwsverhaal kwalificeerde deze voormalige sportjournalist de vragen instemmend als ‘helder’.

Het ging over subsidie voor een muziekwerkplaats, die de PVV’er vanzelfsprekend onterecht vond, en de journalist was het met de vragensteller eens. Hij vermoedde dat de muziek ‘takkeherrie’ was. Vermoedde, inderdaad. Want hij had dat zelf niet gecontroleerd.

Dit leidde tot verontwaardiging in de lokale cultuursector. Het liep uit op een rel die zich vooral online afspeelde, en waarbij de krant zoals gebruikelijk niet thuis gaf. Tot een week later, toen de directeur van het omstreden Muzieklab enkele feiten recht mocht zetten. feiten die in een ideaal land natuurlijk bij het eerste bericht gecheckt zouden zijn door de krant.  De rust was daarmee dus niet weergekeerd. Hoewel er in de krant geen excuses werden aangeboden, deed chef Tilburg van het Brabants Dagblad Anita De Haas wel haar best om de zaak te debunken in een lokale talkshow.

Dankzij onze vrienden op facebook beschikken we over een geluidsopname van het debat, waarin op zeker moment duidelijk wordt dat de krant ongelukkig is met het eerdere artikel (op 14 minuten). Het komt, zo verklaart de manager, doordat de werkdruk zo hoog is en doordat de desbetreffende journalist de kunstsector eigenlijk niet kent, maar hij moet wel over alles schrijven, want hij is de enige op de redactie. Maar ook omdat hij eigenlijk sportjournalist is: “Hij is net begonnen aan een cursus kunstgeschiedenis.”

Hiermee is het probleem van kunst, lokale media en overheid wel helder geschetst. Vijf stappen naar de afgrond:

1: De ooit gezaghebbende lokale media zijn in een wedstrijd op jacht naar de niet-lezende, vaak populistisch stemmende stadsbewoner hun oude achterban kwijtgeraakt.

2: Onder de lezers van de lokale kranten bevinden zich daardoor nauwelijks nog liefhebbers van kunst.

3: Over kunst en cultuur wordt daarom niet meer geschreven door verslaggevers met kennis van zaken, maar door mensen die de taal van de gewenste lezer spreken, nu veelal in de populistische hoek te zoeken.

4: Lokale bestuurders die doorgaans nog voor kun kennis terugvallen op die lokale krant, missen achtergrondinformatie en duiding over wat er in de lokale kunstsector gebeurt.

5: Wat onbekend is, wordt in tijden van nood wegbezuinigd.

Deze ontwikkelingen spelen zich overigens niet alleen af in ‘de regio’. Ook landelijke kranten worstelen met hun kunstverslaggeving. De uitspraak die het Brabants Dagblad hierover deed, heb ik zelf in ieder geval op andere redacties vaker gehoord: “Als het aan de lezersonderzoeken had gelegen waren wij 20 jaar geleden al gestopt met kunst en cultuur”.

Het hele gesprek:

hier te beluisteren.

Omdat de geluidskwaliteit slecht is, volgt hier nog een transcriptie van de opname, met dank aan Koen Luijk van het Tilburgse Incubate festival.

‘Dan zouden we eigenlijk 20 jaar geleden al gestopt zijn met kunst en cultuur.’

Toine van Corven opent

 

Welkom bij iedereen die hier aan de statafels zitten

Anita de Haas, chef Tilburg +,

Rinus van der Heijden: oud kunstredacteur Brabants Dagblad,

Joost Heijthuijsen directeur van Incubate.

 

Praten over waaronder de cultuur

 

Aanleiding is zowel de onorthodoxe manier waarop de kunstredacteur van het Brabants Dagblad te werk gaat, waar onder meer sociale media pleit dat niet iedereen daar even gelukkig mee is. We hebben die kunstredacteur, Henri van der Steen, uitgenodigd om zijn zegje te komen doen. Hij had toegezegd maar door problemen met de hoofdredactie kon hij niet. Gelukkig is zijn baas er, Anita de Haas chef stadsredactie.

 

Toine van Corven: Welkom, waarom is Henri er niet?

Anita de Haas: Is het goed als ik even iets uit kan leggen? Op de eerste plaats krijg ik heel erg de indruk dat het om de persoon gaat, in plaats van om de ??? En ik vind dat het ???

Toine van Corven: Hij had in eerste instantie wel toegezegd en na overleg met hogere … er is geen verbod om hier te zijn?

Anita de Haas: Nee, absoluut niet. Er is helemaal geen verbod. Ik denk dat hij het zelf ook heel goed zou kunnen maar ik denk dat het beter is als ik het doe.

Toine van Corven: … over het woord ‘hetze’. Er zou in de krant gezegd zijn dat we laten het niet gebeuren dat er iemand wordt afgemaakt of dat er hetze tegen de heer van der Steen wordt ontketend. Daar zou je als gedachte … dat dit gebeurt. …

Anita de Haas: Als op social media werd gelezen als hij zou komen was het 1 tegen 120 dan hoef ik … niet meer te zeggen. 1 tegen 120 man, dan wordt het toch niet gezellig?

Toine van Corven: Dat heeft iemand op social media gezegd?

Anita de Haas: Ja

Toine van Corven: Daar gaan we verder niet over in discussie, ik bedoel: Het is social media

Anita de Haas: Maar de laatste twee weken blijkt dat een beetje een eigen leven is gaan leiden. Het lijkt me niet verstandig, ik snap ook niet dat dat in de cultuursector überhaupt gebeurt eigenlijk. Daar heb ik de conclusie uit getrokken dat …

Man in publiek: Toine, wat is er aan de hand met Henri van der Steen?
Toine van Corven: Ik heb net ingeleid dat er verschillende meningen zijn over de manier waarop er geschreven wordt over cultuur en over wat hem interesseert in cultuur in het Brabants Dagblad en dat met name op social media daar een discussie over ontstaan is bij hem werd uitgenodigd om hier te komen en hij in eerste instantie zei: ”Ja, dat doe ik” en dat met Anita is besloten om dat niet te doen.

Man in publiek: Maar is Henri van der Steen de geslagen hond hier dan?
Anita de Haas: Ja, daar komt het eigenlijk wel op neer. Maar laten we afspreken, zoals ik net al gezegd heb: We gaan hier geen functioneringsgesprek doen. We gaan over het beleid praten en hoe wij de dingen proberen zo goed mogelijk ???

Toine van Corven: We gaan nu echt even verder. We hebben hier aan tafel Joost Heijthuijsen, jij hebt op social media nogal afgegeven op de kunstverslaggeving in het Brabants Dagblad. Wat is je voornaamste punt van kritiek, en graag daar een concreet voorbeeld bij.

Joost Heijthuijsen: Mijn voornaamste punt van kritiek is dat ik vind dat vooral een regionale krant in het ideale geval de lezers dichterbij de samenleving brengt en de samenleving dichterbij hun lezers. Maar dat je juist op het gebied van de cultuurverslaggeving ziet dat voorbij wordt gegaan aan de elementaire vormen van de journalistiek en ook elementaire vormen van het bewegen binnen het maatschappelijke verkeer. En daarmee verliest de krant in ieder geval op het gebied van de cultuurverslaggeving, een groot gedeelte van haar autoriteit daarin die ik belangrijk vind bij een krant.

Toine van Corven: Dat schreeuwt om een concreet voorbeeld.

Joost Heijthuijsen: De koningin, of prinses Beatrix, die naar Tilburg komt voor het Gipsyfestival. En daarbij vindt dat de criminaliteit van Roma en Sinti ‘een majeur probleem van een mineure bevolkingsgroep is’. Dat zou wereldnieuws zijn omdat Prinses Beatrix tot nu toe nooit een mening gehad heeft. En daarna dus “Hoe kom je aan die informatie?“

Toine van Corven: Is dit nu werkelijk een interview met de prinses, toen nog de koningin? En die heeft wereldnieuws dus het is in de krant gezet?

Joost Heijthuijsen: Het staat in de krant, dus het is waar.

Toine van Corven: (naar Anita de Haas) Niet waar?

Anita de Haas: Nou ik heb het artikel bij me want ik heb toevallig eerder met Joost gesproken en toen hadden we het er ook over. En ik kan het hier voor gaan lezen, ik zal het straks op de bar leggen en dan kan iedereen lezen dat Joost een volstrekt onterechte aantijging aan ons adres formuleert.

Toine van Corven: Dus het is niet als citaat of als feit naar voren gebracht?

Anita de Haas: Nee, hij heeft gesproken met iemand die ook afgestudeerd is op die problematiek die samen met zeven andere mensen op de opleiding heeft gesproken en hij hem daarover geïnformeerd heeft dat zij zich zorgen maken in dat gesprek over de positie van Roma. En dat heeft hij ook netjes geciteerd en hij noemt ook op in het verhaal van wie hij dat heeft en wie dat gezegd heeft en waarom hij zich daar zo mee bezig houdt, en het is volstrekt onterecht om dat te bestempelen als foutieve informatie.

Toine van Corven: Even tussendoor. Als je als journalist uit de tweede hand iemand citeert over zoiets dat niet waar is, wat de koningin van Roma vindt, dan heb je wel de taak om te checken.

Anita de Haas: Niet zomaar uit de tweede hand, hij heeft gesproken met iemand die daar heel veel kennis van had, dat beschrijft hij ook in het verhaal. En hij zegt niet meer in het verhaal dan ‘de koningin heeft gezegd dat ze zich zorgen maakt’. Ik zal het straks daar neerleggen en dan mag iedereen het lezen en dan vind ik het geen terechte aantijging.

Toine van Corven: Geen terechte aantijging, Joost.

Joost Heijthuijsen: Volgens mij is een van de basisregels die op je op de school voor journalistiek leert in het eerste jaar, is dat de koningin nooit een mening heeft, en dat je ook de mening van iemand van het koninklijk huis nooit direct mag citeren. Daarom heb ik het niet alleen over de journalistieke…

Anita de Haas: Hij citeert niet haar, hij citeert degene die het …

Joost Heijthuijsen: Maar over de maatschappelijke regels waaraan een krant voldoet, en als je kijkt naar de maatschappelijke regels van afgelopen week waarin in een stuk over theaters tilburg zeven mailleure fouten staan, waar in plaats van de voorstelling van Ellen ten Damme de circusvoorstelling wordt verward. En zo nog zes van die andere dingen.

Toine van Corven: Er is een stuk geschreven door Henri waarin een aantal fouten werden gesignaleerd. Dat is op facebook verschenen. Ik vond dat ook wel … om nou te zeggen dat er majeure fouten in, dat vind ik wat sterk aangezet

Anita de Haas: Ik wil daar wel even op reageren. Iedereen kan mij altijd bellen, schrijven of mailen als ze het met een artikel niet eens zijn of als er een fout in de krant staat. Als onze kunstredactie veel fouten zou maken zouden wij veel rectificeringen hebben. Als dat zo zou zijn dan had ik al lang die rot(?)redactie op mijn nek gehad met de vraag van hoe kan het toch dat jullie zoveel fouten maken want jullie moeten zoveel rectificeren. Want we doen het, maar we doen het niet graag. Dus iedereen keer als er iets niet goed is of als mensen er ergens niet mee eens zijn, en onze kunstredactie is bij uitstek degene die altijd alles interviewt aan iedereen laat lezen, dus nooit een probleem. Als er dingen niet goed zijn, dan moeten ze mij daarover mailen en moeten ze niet allemaal op gaan zitten sparen en met mekaar gaan zitten delen. Nee, ze moeten het met mij delen.

Toine van Corven: Er is belangrijke kritiek dan Henri vaak kiest voor een secundaire benaming. Dat noemt men een zijdelingse opmerking, privéleven van een kunstenaar, een geldkwestie. Dan levert dat een verhaal op, journalistiek gezien is dat prima. Maar vaak wordt het hem niet in dank afgenomen en het zou zelfs afleiden van waar het om zou gaan, namelijk de vakinhoud.

Anita de Haas: Wij zijn geen cultureel management. Wij proberen de cultuur en de kunst in de stad op een toegankelijke en aardige manier voor onze lezers in de krant en op internet te brengen. Ik vind dat onze kunstredactie, iemand van buiten Tilburg, in staat is met heel veel verwondering en enthousiasme ernaar te kijken. Dat ??? om altijd meer dingen op te schrijven, uiteindelijk gaat het erom dat je de lezer meekrijgt wat je eigenlijk wilt vertellen en de lezer mee wil krijgen wat je wil laten zien wat er in de stad gebeurt. En dan gaat het om allerlei ontwikkelingen maar ook over bestaande kunstuitingen die je nog een keer benoemt. Wat mij betreft, ik hou wel van een beetje een sprankelende manier van dingen opschrijven.

Toine van Corven: Raar vinden als een sportverslaggever een cultuurliefhebber is. Nou komt Henri uit de sport…

Anita de Haas: Ik ben ook uit een totaal andere discipline gekomen dan de journalistiek, ik ben dertien jaar docente Economie geweest. Dus dat zegt helemaal niks, het zegt juist dat het vak zo mooi is dat wanneer je dingen tot je neemt dat je erin, als je erin gaat verdiepen, dat je over heel andere zaken kunt gaan schrijven en ook met heel veel kennis van zaken.

Toine van Corven: Dus er is voor gekozen om op een andere manier over kunst te gaan schrijven dan voorheen. Ik constateer dat dit een beleidskeuze is geweest? Dat betekent dat hoe het voorheen ging, óf minder was, óf in ieder geval anders was. Rinus, als er gekozen wordt voor nieuw beleid zou je kunnen concluderen dat het niet goed ging?

RvdH: Nee, het gaat niet goed. Het is Brabants Dagblad eigen om iedere twee jaar het beleid om te gooien. Dat heeft volgens mij niets te maken met het beleid zoals wij met de kunst omgingen.

Anita de Haas: Dat heeft onder andere met de economie te maken.

RvdH: Natuurlijk heeft dat met de economie te maken. Als Henri schrijft dat het Muzieklab vermoedelijk, hij weet het niet eens, takkeherrie maken, dan moeten jullie ingrijpen.

Anita de Haas: Laten we het nou niet over dit ene stukje in discussie gaan, dat stukje is wat ongelukkig en was ironisch bedoeld.

Joost Heijthuijsen: sinds wanneer is zoiets ironisch? Ik vind het een belangrijk punt. Ik heb geleerd in het handboek journalistiek dat je een verschil hebt tussen nieuws, opinie, achtergrond en column. Dat je die gewoon scheidt. Als in die nieuwspagina’s opeens nota bene in de mond van politici subjectieve termen worden gelegd, die niet eens uit de mond van die politici komen, dan vind ik dat slecht. Dat heeft te maken met de redactionele keuzes die gemaakt worden. Stel je voor dat je als wetenschapsjournalist opeens op basuis van een eigen opinie gaat zeggen dat E=MC2 ook maar een mening is. Journalistiek is ook gwoon feiten. Is je hje gedraagt in het maatschappelijke verkeer.

Toine van Corven: Er worden journalistieke gen res gemengd. Dat is een punt van kritiek.

Rinus van der Heijden: Mag ik even mijn verhaal afmaken. Iedereen mag alles zeggen, dus ik wil ook alles zeggen.

Toine van Corven: Jij mag ook alles zeggen.

Rinus van der Heijden: Daar gaat het niet om, maar ik was nog niet klaar. Hij interviewt een vrouw die lid is geworden in de orde van oranje nassau, en het gaat helemaal niet over haar verdiensten, maar over een trip naar Tokio. Hij interviewt en celliste en gaat met haar op de foto. Moet dat nieuwe journalistiek voorstellen? Ik schaam me dood.

Persoon: Daar wil ik toch even iets over zeggen. Die celliste, dart heb ik toevallig een op[treden van gezien, en de bedoeling van dat hele optreden as dat je die cello vast kon houden en die trillingen kon voelen, ook bij haar.

Anita: Het heeft niet zoveel zin om stukje bij stukje te gaan bespreken. Want ik zei al: we gaan hier geen functioneringsgesprek voeren. Dat heeft geen zin, bovendien is er een veelheid aan artikelen verschenen in de afgelopen jaren, meer als driehonderd alleen al onder een naam. Dat is een enorme diversiteit, en dat gaat al van literatuur, tot cultuur, tot allerlei festivals. Jacques kan wel zeggen: ik sta er alleen voor, maar dat is alleen maar meer geworden. Wat hij er allemaal bij moet doen. En dan ook nog onze internetsite moet bedienen. Je hebt kunstpagina’s kunst van de dag en de site. Als je dat allemaal moet maken.

Toine van Corven: het is dus heel druk. Nu even een vraag aan de zaal: vinden jullie alles wat hij schrijft slecht, of vinden jullie sommige invalshoeken ook goed?

Joost Heijthuijsen: Ik vind hard werken nooit een excuus.

Toine van Corven: dat was de vraag ook niet.

Joost Heijthuijsen: Maar het is wel een antwoord. Natuurlijk heb ik waardering voor mensen die hard werken, maar het gaat ook om feiten.

Anita de Haas: Ik heb met journalistiek geleerd dat het bloed, zweet en tranen is. Maar dat is ook goed, want met dat hard werken kom je in aanraking met alle aspecten van de kunst en cultuur in deze stad.

Joost Heijthuisen: Maar ik mag er toch van uit gaan dat hij professioneel schrijft. Als je een slager bent, en je hakt iedere dag een paar vingers af, omdat jij het val nog moet leren, is dat toch ook niet de manier waarop je werkt? Ik verwacht van een krant dat zij haar verantwoordelijkheid neemt binnen het maatschappelijke veld. En als die daar feit en fictie uit elkaar weet te houden en ook verantwoordelijk mee omgaat. En dat gaat verder dan: iemand werkt hard en er worden nu eenmaal fouten gemaakt. Dat vind ik onvoldoende verantwoordelijkheid nemen. Je moet iemand die in een raadsvergadering zegt dat hij het ook niet allemaal snapt, niet zo laten spartelen

Anita de Haas: Ik laat niemand spartelen. Ik ben het er niet mee eens. Het is voor ons ook een leerproces. Er zijn journalisten die je moet aansturen om nu eens hun eigen verhaal te schrijven, en er zijn journalisten die heel graag hun eigen verhaal opschrijven.

Toine van Corven: het wordt wel door elkaar gehaald. Daar gaat het over.

Anita de Haas: Het feit alleen al dart wij zo ontzettend veel doen aan kunst en cultuur in deze stad en regio, geeft al aan: wij doen heel erg veel. Van de 52 pagina’s die wij in de week hebben voor de regio, gaan er zeker 8 over kunst en cultuur. Daarin nemen wij onze maatschappelijke verantwoordelijkheid. Als je lezersonderzoeken gaat doen, dan zouden we eigenlijk 20 jaar geleden al gestopt zijn met kunst en cultuur. Dat doen wij dus niet. We vinden het belangrijk.

Toine van Corven: Ik ga toch even terug naar de vraag die ik net stelde: is alles slecht wat er gebeurt, of is er ook iets goeds?

Stem: Ik heb grote bezwaren tegen de manier waarop het Brabants Dagblad aan kunstverslaggeving doet.

Toine van Corven: je echte kernpunt?

Stem: deskundigheid. Ze laten Henri schrijven over dingen waar die niks van af weet. Dat hij nu studeert, kunstgeschiedenis of weet ik wat, prima, maar dat had hij eerder moeten doen. Je moet weten waar je aan begint als je over cultuur schrijft.

Anita de Haas: Dat is onzin. Onze economieredacteur is ook geen econoom. En als je met jonge kunstenaars hier in stad praat: de ene spreek je nog eens over tien jaar, de ander over dertig jaar.

Stem: Hij heeft totaal geen voorstellingen bezocht, hij heet geen platen geluisterd, hij heeft alleen maar de raadsvraag overgeschreven.

Anita de Haas: Hij moet ook over andere dingen schrijven. Hij kan niet alles zien. Die luxepositie hebben we niet. Een ding nog: we hebben als redactie ook nog literatuurrecensenten die we inzetten voor specifieke dingen. Want we beseffen dat we ook op dat gebied budgettair niet zoveel meer kunnen.

Toine van Corven: Het is dus beleid dat vakinhoudelijke kennis niet vereist is.

Anita de Haas: Vakinhoudelijke kennis is wel van groot belang, maar je moet mensen wel e kans geven om die vakinhoudelijke kennis op te doen.

Toine van Corven: maar moet die dan niet eerst die kennis opdoen, en dan pas publiceren?

Anita de Haas: maar we kunnen toch niet een jaar lang die vacature laten open staan?

Toine van Corven: We gaan verder naar de landelijke trend. Vroeger schreven de landelijke kranten over al het gesubsidieerde aanbod. Met een recensie. Dat was een stilzwijgende afspraak bij de krant. Daar is geen budget meer voor. Dus gaat het nu nog over wat groot, hot, nieuw is. Anita: wat zijn de criteria bij het Brabants Dagblad? Waar ga je heen, waar ga je niet heen?

Anita de Haas: we gaan inderdaad niet naar alles. Wat we wel proberen te volgen is nieuwe ontwikkelingen. Experimentele kunst, wat De Pont met name heeft opgebouwd. Groot criterium is bij ons: waar de mensen behoefte aan hebben. Waar de mensen in groten getale op af afkomen. Of dat nou om exposities gaat of om festivals: dat zijn dingen die we sowieso moeten doen. En verder proberen we zoveel mogelijk aanwezig te zijn daar waar de discussie is. Waar we over kunnen schrijven, en waar we onze lezers deelgenoot van kunnen maken. Dat bestrijkt het hele spectrum van cultuur. Ook als er een nieuw boek uitkomt willen we dat bespreken.

Toine van Corven: maar is er een vast beleid?

Anita de Haas: Dat beleid is dat we alles proberen zoveel mogelijk wat we kunnen in onze krant mee te nemen. Amateurkunst? Dat doen we bijvoorbeeld niet. Al hebben we vroeger wel recensies gehad, maar dat was omdat we op zeker moment teveel recensies amateurkunst hadden. Dat is een beleidsmatige ingreep geweest. Maar verder leven we heel erg bij de agenda. Het gaat om wat er in de stad te doen is, en dat is al heel erg veel.

Joost Heijthuijsen: Ik vind dat een krant juist in tijden van social media, dat de krant niet overal is, maar meerwaarde biedt. Als er nieuwe concerten zijn in de stad kan ik dat ook lezen op 3voor12, kan ik dat ook lezen op andere plekken. Ik vind dat een krant gezaghebbend moet zijn. Maar nu staat dat op een klager niveau dan de burgerjournalistiek. Ik zie op 3voor12 stukken van studenten die veel beter en diepgaander zijn dan wat er in de krant staat. En dan kun je wel zeggen dat jullie lezers dat geen interesse in hebben, maar je ziet toch dat cultuur op social media leeft? De kant volgt de publieke opinie, maar gaat daar ook op een heel erg defensieve manier mee om. Probeer nou eens op een offensieve manier daarmee om te gaan, om in voetbaltermen te spreken. Zeg niet dat jij weet wat Tilburgers goed vinden, maar probeer te wennen aan die nieuwe maatschappelijk realiteit.

 

Anita de Haas: Ik wil niet mijn hakken in het zand zetten. En als het over social media gaat: we hebben op onze site het stadsgedicht, waarbij je op een kaartje precies kunt zien waar het gedicht vandaan komt. We doen heel erg aan agendavermeldingen, ook via social media We investeren op heel veel terreinen. Maar ik heb ook wel eens gezegd: als we zo krap zitten in het budget, waarom laten we de mensen die naar die voorstellingen gaan niet zelf een recensie schrijven? Dan heb je ook deskundigheid. Want jij vindt dat iedereen verstand van zaken moet hebben. En dat vind jij ook. (Rumoer)

Er zijn natuurlijk tijden geweest, dat je voor iedere discipline een andere recensent had. Sorry. Dat kan dus echt niet meer.

Toine van Corven: we hebben het ook over een tijdsbeeld. Ik zie over de hele linie een verschuiving naar human interest. Is dat bij jullie ook het geval?

Anita de Haas: ik merk dat sinds wij op een andere manier schrijven over kunst en cultuur in deze stad, dat het veel meer gelezen wordt dan daarvoor.

Toine van Corven tegen Rinus van der Heijden: Jij bent tegen popularisering?

Rinus van der Heijden: Ja, natuurlijk ben ik tegen popularisering. De hele maatschappij wordt al gepopulariseerd en veralgemeniseerd. Het gaat om deskundigheid. Dat je weet waar je over schrijft. Als de hoofdredacteur zegt: alle specialisten moeten de krant uit, we gaan alleen nog maar met generalisten werken.

Anita de Haas: we zijn genoodzaakt om met heel veel generalisten te werken. Dat is nou eenmaal de tijdgeest. Mijn mening daarover is dat wij het verdomd goed doen.

2 REACTIES

  1. Zijn ze nou helemaal belazerd bij het BD? Wat is dat voor een rioolopvatting over journalistiek? Als het maar gelezen wordt dan is alles wel ok. Weet je wat? Ik plaats hierbij een open sollicitatie naar de functie van hoofdredacteur. Dat heb ik nog nooit gedaan dus daarmee wordt ik, volgens de redenering van Anita de Haas (wie ook weer…?), vanzelf de beste kandidaat. Ook nog nooit over economie geschreven, noch complete redacties aangestuurd. Dat is dus een pluspunt. Sport, heb ik ook nog nooit gedaan. Lijkt me dus wel wat.

    Oh, by the way: ik heb 20-nogwat jaar aan muziekjournalistiek gedaan. Trouw, Rotterdams Dagblad, Financiëele Dagblad. Moet je mij dus niet meer laten doen want wie weet snap ik wel teveel van dit métier. To-taal on-ge-schikt voor een krant. Tenzij ze me natuurlijk hoofdredacteur BD willen maken – ik lig goed in de markt vanwege mijn gebrek aan juiste kwaliteiten.

Comments are closed.